Afbeelding

Bierbrouwers en een blaassteen laten in Paul Tetar van Elven een stukje geschiedenis van de Koornmarkt zien

Algemeen

Editie: Week 22, Jaargang 20 |

Conservator en directeur Alexandra Oostdijk kan het iedere Delftenaar aanraden om naar de tentoonsteling ‘de Corenmarkt, van outs groot en aanzienlyk’ te komen kijken. (foto: Jesper Neeleman)

DELFT – Aan de Koornmarkt zaten vroeger 27 bierbrouwerijen, een ziekenhuis en het krioelde er van de bedrijvigheid. De Koornmarkt is nu een wat minder opvallend deel van de binnenstad, maar gelukkig brengt Museum Paul Tetar van Elven de komende tijd een stukje van die boeiende geschiedenis terug.

In het museum aan de Koornmarkt 67 is nog tot en met oktober de tentoonstelling ‘de Corenmart, van outs groot en aanzienlyk’ te zien. Alexandra Oostdijk is directeur en conservator van Museum Paul Tetar van Elven. Ze vertelt graag en enthousiast over de geschiedenis van de straat waar ze nu bijna dagelijks werkt. “Delft was in de zestiende eeuw bekend vanwege het bier. Drie keer per week was hier aan de Koornmarkt een markt. Het krioelde toen langs de gracht van de graanverkopers en bierhandelaren. Het was hier echt een handelsgracht en één van de meest bedrijvige plekken van de stad”, vertelt Oostdijk. Toen de VOC met schepen vol koffie en thee terug naar Nederland kwam, raakte het bier, de brouwers ervan en dus ook de Koornmarkt wat op z’n retour. De Delftse rijken, die tot dan toe graag aan de Koornmarkt woonden, verplaatsen zich langzaamaan richting de Oude Delft en lieten daar hun bepaald niet kinderachtige grachtenpanden bouwen. “In de negentiende eeuw woonden aan de Koornmarkt dus meer ‘gewone’ mensen, zoals behangers, drukkers, boekhandelaren en kunstenaars, zoals Tetar van Elven”, vertelt Oostdijk. De Koornmarkt vertelt volgens Oostdijk een klein stukje van de Delftse geschiedenis. Naast verhalen over brouwerijen, plateelbakkerijen en beroemde kunstenaars speelden zich hier ook minder leuke historische gebeurtenissen af. “Je had hier bijvoorbeeld ook drama’s van gezinnen die de cholera kregen.” Van de dertiende tot en met de twintigste eeuw heeft ook het oude gasthuis aan de Koornmarkt gestaan, een plek waar zieken, maar ook minder bedeelden en zwervers werden opgevangen. “Alleen dáár kun je al een grote tentoonstelling over maken”, vindt Oostdijk.

De tentoonstelling over de Koornmarkt is te zien op de eerste verdieping van Museum Paul Tetar van Elven. Hier krijgen bezoekers een beeld van hoe de gracht er vroeger uitzag, wat voor mensen er woonden en wat voor bedrijven er zaten. “Het is echt de Koornmarkt in vogelvlucht”, geeft Oostdijk aan. In één van de vitrines is amputeergereedschap uit het Oude Gasthuis te zien. Daarnaast ligt een blaassteen ter grootte van een pingpongbal die – in het Oude Gasthuis – ooit uit de blaas van een 14-jarig weesjongetje is verwijderd. Volgens Alexandra Oostdijk is de tentoonstelling een aanrader voor alle Delftenaren. “We zijn een ‘huismuseum’ van een kunstenaar uit de negentiende eeuw en we zien hier vaak kunstliefhebbers. We vinden het echter belangrijk dat ons museum ook bekend wordt bij alle Delftenaren. Daarom hebben we af en toe een tentoonstelling over een onderwerp dat iedereen met een beetje interesse in geschiedenis aan moet spreken.” ‘De Corenmarkt, van outs groot en aanzienlyk’ is zo’n tentoonstelling. Zie voor meer informatie over Museum Paul Tetar van Elven, de tentoonstelling over de Koornmarkt en de openingstijden de website www.museumpaultetarvanelven.nl. (JN)

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12