Erwin Pinas, afgedankt door grote liefde Feyenoord, traint nu jeugd bij Vitesse Delft
AlgemeenErwin Pinas:
DELFT – Erwin Pinas heeft er nu een seizoen als jeugdtrainer bij Vitesse Delft opzitten. Dat was wennen, gewend als hij was vele, vele jaren de talentvolle F-jeugd van Feyenoord te trainen.
Maar bij Feyenoord moest hij weg. Waarom? Hij zou het nu nóg niet weten. Of toch ook weer wèl. Het doet hem, hoe dan ook, pijn. Al doet hij nóg zo z'n best er afstandelijk over te praten. Dat neemt niet weg dat Feyenoord zijn club is en blijft. En niet zo'n beetje ook. "Als ze verliezen, kan ik drie nachten niet slapen. Alles wat er de laatste jaren met de club gebeurt, gaat me aan het hart. Ondanks dat probeer ik ze overal te volgen. Feyenoord blijft toch m'n club".
Erwin Pinas (54, intussen) wordt geboren in Suriname. Als negenjarig jochie komt hij naar Nederland. Naar Rotterdam, om precies te zijn. Wat hij daar al snel gaat doen, is voetballen. Schoolvriendjes praten hem naar NRC. Daar schopt hij het uiteindelijk tot het eerste elftal van die tweedeklasser. "Wim Jansen kwam daar nogal eens, want z'n zwager voetbalde er".
Pinas stapt vervolgens over naar Overmaas, toen eersteklasser. Na twee jaar verleiden vrienden hem naar de Surinaamse club Zwarte Pijl te verkassen. Dat gaat goed, tot hij z'n voorste kruisband scheurt. "Ik was te bang om naar het ziekenhuis te gaan, dus verder is er niks aan gedaan". Daar ga je niet beter van voetballen. De toenmalige trainer van Zwarte Pijl vindt dat Pinas het maar 's als trainer moet proberen. "Ik zei: Joh, dat kan ik niet. Die trainer heeft mij toen meegenomen naar het Kralingse Bos. Moest ik hem training geven en coachen. Zó ben ik begonnen". Hij traint dan de A1 van Zwarte Pijl. Wordt daarmee zelfs kampioen. Traint daarna de zaterdagvoetballers van Zwarte Pijl, in de derde en vierde klas. Is vervolgens twee seizoenen assistent-trainer bij Schiebroek en twee seizoenen trainer van UNIO, in Oudewater. Ook twee seizoenen is hij de trainer van het Nootdorpse RKDEO. "Had ik de toen 15-jarige Richard Middelkoop als stagiair". Die nu trainer is van Papendrecht en die SV Nootdorp van advies gaat dienen om die club tot een waar voetbalbolwerk te verheffen. Na RKDEO traint Pinas nog Leidse Boys, z'n laatste klus als seniorentrainer.
Pinas is nog trainer van UNIO als hij wordt bestookt met het verzoek of hij niet (ook) wat voor de jeugd van Feyenoord zou kunnen betekenen. "Ik had op zaterdag niks te doen, dus dat leek me wel leuk". Hij belandt bij de Sportclub Feyenoord, bij de amateurtak dus. Waar hij aan de slag gaat als leider van de D4. Wat, van de Sportclub, dus eigenlijk de D2 is. "De D1 en de D2 waren van de Stichting Feyenoord, dus van de betaalde tak". Daarna slaat hij ook aan het trainen, hij is er tóch. "Eerst één keer per week, daarna twee keer". Dat gaat prima. Lacht: "De D1 van de Stichting durfde niet tegen de D3 van ons te spelen. Er liep bij ons best wel kwaliteit in". Pinas wordt gevraagd assistent-trainer te worden van de A1 van de Stichting. In dat team spelen de eerstejaars A-spelers van de betaalde tak. Bent u daar nog? "Dat heb ik een seizoen of vier gedaan".
Pinas noemt dan de naam Albert Stuivenberg. Toen trainer van Feyenoords C1. En nu de trainer van het Nederlands team onder de zeventien. Die Stuivenberg wordt Hoofd van de Voetbalschool van de Stichting. "Hij heeft me overgehaald van de Sportclub naar de Stichting. En ik ging daar vier keer in de week de D- en de F-jeugd trainen. Nog steeds in combinatie met een amateurclub, toen Leidse Boys".
Omdat hij ook nog een normale baan heeft, is het racen van hot naar her en van heinde naar verre. Dat wordt te gek, vinden ze bij Feyenoord. "Ik mocht er geen amateurclub meer bij hebben. Ik moest me richten op het trainen van de D- en de F-jeugd bij Feyenoord". Aldus geschiedt. "Ik heb 22 jaar bij Feyenoord gewerkt. Ik ben een echte Feyenoorder, ja. Komt door m'n vader. Die nam me mee naar alle wedstrijden, uit en thuis. En dan mocht ik steeds de laatste tien kilometer in z'n auto rijden. Zo heb ik m'n rijbewijs gehaald. In vier lessen".
Het is inmiddels zo tegen het seizoen 2007-2008. Dan is Patrick van Leeuwen Hoofd van Feyenoords Voetbalschool. Totdat hij Henk van Stee volgt, naar een club in Oekraïne. Wim Jansen schuift z'n zwager Stanley Brard naar voren als opvolger van Van Leeuwen. En dan begint voor Pinas het gedoe. Hij reproduceert wat voorvallen. Zoals een gesprek op Varkenoord. "Brard kwam naar me toe. Hij wilde een gesprekje. Het eerste wat hij tegen me zei was dat hij bij Feyenoord alleen maar mensen nodig had die naar hem luisteren. Ik vroeg: Hoe bedoel je? Nou, ik heb mensen nodig die naar me luisteren. Oké".
Een andere ontmoeting, waarbij ook Van Leeuwen aanwezig is. "Ik dacht nog: ook Brard zal wel enthousiast zijn over mijn trainingen. Daar waren niet voor niks video's van gemaakt, voor de clubs waarmee Feyenoord samenwerkte. Maar nee , hoor. Brard zei: Je moet anders trainen. Ik vroeg: Hoe anders wilt u dan? Daar kon hij geen antwoord op geven. Ook Van Leeuwen begreep er niks van. Wij zijn tevreden, zei hij. En ik ben blijven trainen zoals ik dat altijd had gedaan". Dan is er het trainingskamp, een traditie voorafgaand aan een nieuw seizoen. "Brard was daar ook. Hij zei: Ik heb je toch gezegd dat je anders moet trainen? Ik heb gezegd dat hij dan maar op papier moest zetten hoe. Dat kon hij niet". Het is december 2007. Pinas ondergaat het (ook al gebruikelijke) functioneringsgesprek. "Met Brard er ook bij. Alles was goed". In maart 2008 heeft hij weer een gesprek met Brard. "We gaan niet verder met je, kreeg ik te horen". De reden? "Het enige wat hij eigenlijk zei was dat het aan m'n coaching lag. Ik zei nog: Hebben al die anderen dan 22 jaar lang zitten slapen?" Merkwaardig, of misschien juist nièt, is dat Feyenoords succesvolle A1-trainer Henk Fräser een jaar eerder exact hetzelfde was overkomen. "In een interview in de Voetbal International zei Henk Fräser toen dat Erwin Pinas hoogstwaarschijnlijk de volgende zou zijn. En dat klopte dus".
-Wat is, denk jij, nou de echte reden dat jullie gewipt zijn?
'Misschien dat we te bijdehand zijn".
Pinas maakt het seizoen af. Hij verlaat daarna om nóg een reden met op z'n minst gemengde gevoelens de club die hem zo aan het hart gebakken zit. "Wat me tegenviel is dat, hoewel ik al zo lang bij die club werkte, niemand wist dat ik nog een doorlopend contract had. Er moest dus een rechtszaak komen. Vlak voordat het zo ver was, kwamen ze met een schikking. Hebben ze m'n contract afgekocht".
Hij moet zijn voetbalei elders kwijt. Praat met verschillende, ook betaalde, clubs. Wordt getipt dat Vitesse Delft interesse heeft. Heeft gesprekken met voorzitter Jan de Bruyn (óók Feyenoord, dat scheelt) en Pieter van Veen. En zo heeft Pinas er nu één seizoen jeugd trainen bij Vitesse Delft opzitten. Preciezer: hij trainde en coachte F1 en F2, E1 en E2 en D1 en D2. "Ik gaf ook ondersteuning bij de trainingen van de lagere elftallen in die categorieën. Ik was in eerste instantie ook hersteltrainer voor geblesseerde spelers van het eerste en tweede van de senioren. Inmiddels ben ik daarnaast ook techniektrainer voor die groep". Al die activiteiten ontplooit hij ook het komende seizoen ten bate van Vitesse Delft.
Nee, bekent Pinas, hij had geen flauw idee van het niveau van de jeugd die hij bij Vitesse Delft ging trainen. "Wat ik wèl heb, is dat ik vrij snel kan omschakelen naar de kwaliteit van de spelers. Ik haal er m'n neus niet voor op om met mindere spelers te trainen. Er waren bij Feyenoord trainers die zeiden: Als ik niet meer bij Feyenoord kan trainen, stop ik helemaal. Dat zal ik nooit doen. Daar ben ik te veel liefhebber voor".
-Geen spijt gekregen van je overstap naar Vitesse Delft?
"Nee. Het is een gemoedelijke club. Ik kwam er als vreemdeling binnen. Ik ben door een aantal mensen heel goed opgevangen. En ik word bij alles betrokken".
Dat neemt niet weg dat hij af en toe z'n ogen uitkijkt. "Er moest wel heel wat veranderen. Ik noem een voorbeeldje. De D1- en D2-groep was zo'n 28 jongens groot. Toen ik de eerste dag ging trainen, had ik vier jongens in de kleedkamer. We gingen het veld op en toen waren er ineens elf. Wat bleek? Ze kwamen in voetbalkleren op de fiets naar de training. Goed, we hebben getraind. Kwam ik in de kleedkamer, zaten er maar drie. Ik vroeg waar de rest was. Die waren al naar huis. Dat kon dus niet. Ik heb ingevoerd dat ze voor de trainingen en voor de wedstrijden op een bepaalde tijd aanwezig moeten zijn. Dat douchen verplicht is. Dat soort dingen. Dat waren ze niet gewend. Ook de ouders niet. Een paar kwamen in opstand. Toen ik het had uitgelegd, was het geen probleem meer".
-En de kwaliteit van de spelers die je trainde, hoe zat het daarmee?
"Ik moet zeggen dat de spelers stuk voor stuk vooruit zijn gegaan. Alleen de D1 en de D2, dat was wel een moeilijke groep, omdat daar heel weinig kwaliteit inzat. En ze deden er niet alles aan om beter te worden. Ik moet ook zeggen dat Vitesse Delft voor een amateurclub een heel goeie E1- en E2-selectie had".
'Het was inderdaad een grote stap terug, vergeleken met Feyenoord. Maar ik kan daar wel mee omgaan. Ik heb het goed naar m'n zin bij Vitesse Delft. Ik kan er m'n ei kwijt, ik word ondersteund door heel wat mensen. Samen met Marc Bos, het nieuwe Hoofd Opleidingen, en de andere jeugdtrainers, gaan we proberen de doelstelling te realiseren dat Vitesse Delft binnen drie jaar een eerste team heeft dat voor minstens 50 procent uit zelf opgeleide spelers bestaat".
-Moet er (nog steeds) veel veranderen bij Vitesse Delft?
"Ja. Er moet met name een goed Jeugdbestuur komen. En de club moet de vrijwilligers koesteren. De clubliefde die je vroeger had, die is minder geworden. Daarom moet je als club heel goed omgaan met de vrijwilligers die er nog wèl zijn. En je moet als club ook wat uitstralen. Een voorbeeldje: het is niet goed als de leiders van de F1 en de F2 bij wedstrijden in een geel of een blauw jasje en een spijkerbroek lopen. Die moeten uniform gekleed zijn, in jassen van de club en zo".
-Is er verschil tussen jeugdvoetballers in Rotterdam en in Delft?
"Wat je als trainer wel ziet, is dat ze in Rotterdam brutaler zijn. In Delft zijn de meeste jongens toch wat meer timide. In Rotterdam zijn het echt straatschoffies. Die laten gelijk merken dat ze er zijn. In Delft moet je ze wat meer coachen. Maar ach, alles heeft z'n voor- en z'n nadelen". (PB)
Download de laatste krant!
Energieweg 3
2627 AP Delft
T: 015 - 214 39 12
info@delftopzondag.nl


