ZIJ-KANT

Algemeen

'Ga ik 's drie weken niet naar de kroeg. Nou, je ziet het'. Dat zei m'n man van de week toen hij, stom toevallig natuurlijk, hoorde dat de huismus weer terug is. Weet hij veel dat dat met de vogeltelling te maken heeft. Ja, die vogeltelling. Ik weet niet wat ik daarvan moet denken. Ik bedoel: volgens mij is het de ultieme vorm van nattevingerwerk. Want je kunt dan wel een hele dag achter het raam naar je tuin zitten koekoekeloeren en elke keer dat daar om onduidelijke redenen één of ander gevederd vriendje landt een streepje zetten bij het desbetreffende merk, maar hoe ben je er nou zeker van dat, bijvoorbeeld, één en dezelfde huismus niet al voor de achtste keer in jouw tuin neerstrijkt? Ja, als het om een bijzondere, zeldzame vogel gaat, dan is het wat anders. Kijk, een twee-onder-één-kapmeeuw, ja, wanneer zie je die nou? En bij een kapsijs valt de ware vogelliefhebber vast en zeker ook bijna om van verrukking of verbazing of misschien wel van een combinatie van beide. Maar een huismus? Begrijp me goed: dat die terug schijnt te zijn, ik vind het prachtig, al wist ik niet eens dat ie er vandoor was, het is zonde dat ik het zeg. Maar om daar nou zo'n koude drukte over te maken. Trouwens, nu we het toch over vogels hebben: ik heb me nogal verbaasd over dat verhaal in deze prachtkrant over De Paradijsvogel. Dat is een school in Ypenburg. Terzijde: in deze dagen dat zo veel mensen ziek lopen te wezen, heet het daar Grypenburg, heb ik begrepen. Maar goed, die school schijnt extra geld te krijgen om bollebozen de aandacht te kunnen geven die ze schijnen te verdienen. Ik vind dat, eerlijk gezegd, nogal merkwaardig. Je hoort en je leest dag in dag uit dat de kinderen vandaag de dag veel te zwaar zijn en ook nog 's veel te agressief. En wat doen we dus? We gaan de bollebozen, die beide slechte eigenschappen in zich verenigen, ook nog 's extra in de watten leggen. Nee, dan heb ik meer respect voor die oudere man, bij mij in de flat. Die is nog zo vitaal als wat. En, dat vind ik eigenlijk nog mooier, tevreden met heel weinig. Van de week nog. Liep hij vrolijk hijgend de trap af, in onze hoogbouwflat. 'Geld voor een wintersportvakantie heb ik niet', zei hij tevreden tussen het uitblazen door, 'maar als ik hier een paar keer met de lift naar boven ga en via de trappen naar beneden lijkt het er toch aardig op'. Dan denk ik, stiekem, wel 's: Had ik maar zo'n vent. Die van mij ligt alleen maar voor de televisie. Gisteravond nog. Zat hij naar zo'n talentenjachtprogramma te kijken. En maar zeuren dat hij er geen bal aan vond. Had hij het over de Niks Factor, of zoiets. Maar wèl blijven kijken. Dan duurt een avond lang, hoor, met zo'n huismus.

Wiesje Gort-Droog

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12