Het werk van Gerrit de Beeldensnijder is niet voor niets geweest

Algemeen

Simon Kistemaker vertelt Corina Heuvelman alles over het reliëf van Gerrit de Beeldensnijder. Jon Cornelese houdt zich vooral met een afbeelding van het origineel bezig. (foto: Alphons de Wit jr)

DELFT – Delft is weer een stuk openbare kunst rijker. Aan de gevel van café De Oude Jan aan het Heilige Geestkerkhof onthulde oud-wethouder van cultuur Corina Heuvelman een reliëf dat uit een mal voortkomt die een kleine zeshonderd jaar geleden door Gerrit de Beeldensnijder werd gemaakt.

“Het is een prachtige gevelsteen”, vindt Jon Cornelese van café De Oude Jan. “Het leuke eraan is dat de delen van de mal een kleine dertig jaar geleden gevonden zijn op de plek waar ons terras zit. Dit is natuurlijk een prachtig stuk Delftse historie. Een ander leuk weetje dat uit de archeologische opgravingen van toen naar voren kwam, is dat op dit plein de eerst bekende bierbrouwerij van Nederland gestaan heeft. Die dateert uit 1206. Voor ons als café-eigenaren is dat natuurlijk hartstikke leuk om te weten.”

Het reliëf dat vorige week vrijdag werd onthuld toont de aankondiging van de geboorte van Christus aan Maria en is bijna precies hetzelfde als het middendeel van het ‘Merode altaar’. Dit drieluik, omstreeks 1430 geschilderd door Maître de Flemalle, is op dit moment één van de topstukken van het Metropolitan Museum of Art in New York. De pijpaarden mal die door Gerrit de Beeldensnijder werd gemaakt, werd bij opgravingen in 1985 in delen gevonden. George Buzing, oud-werknemer van de Porceleyne Fles, heeft van de scherven weer een geheel gemaakt, waarna hij een contramal maakte. Deze werd in eerste instantie in het hardgips afgegoten, maar het exemplaar dat de gevel van café De Oude Jan siert is van wit beton.

“Dat beton heeft hetzelfde effect als pijpaarde”, weet Jeroen Kistemaker, die destijds als archeoloog betrokken was bij de opgravingen. “Dus het ziet eruit zoals bedoeld is en daarbij is het nog eens ijzersterk ook. Om het reliëf te bevestigen moesten vier gaten worden ingeboord. Dat kostte bij elkaar wel een uur, terwijl diezelfde boor in de muur van het café als een warm mes door de boter ging.”

Kistemaker kijkt nog steeds met veel plezier terug op de opgravingen in 1985. “Het Heilige Geestkerkhof was een geweldige vindplaats. Dit plein is vanaf de vroege Middeleeuwen onbebouwd gebleven, omdat men ruimte wilde vrijhouden voor een zijbeuk van de kerk. Het overgrote deel van Delft is bebouwd en je krijgt dus nooit de mogelijkheid om eronder te kijken.” De opgravingen in 1985 moesten verricht worden omdat het hoofdstation voor elektra en gas vervangen moest worden. Hier is nog weleens wat misgegaan ook en toen zat heel de binnenstad even zonder elektriciteit. Het mooie aan het Heilige Geestkerkhof was dat toen er nog geen dijken waren, mensen hun afval buiten gooiden en dit eens in de zoveel tijd dichtsmeerden met mest om er verder op te bouwen. Zodoende ontstonden terpen. Je ziet ook dat dit plein op drie meter boven NAP ligt, terwijl dat bij het Rietveld slechts een halve meter is. Als je hier op de fiets stapt, hoef je tot het Rietveld in principe dus niet te trappen.”

Bijkomend voordeel van deze terpen is dat de mest leidt tot stevige grond. “Daarom konden we goed doorgraven. Normaal graaf je in een hoek van maximaal vijfenveertig graden, maar nu weken we hier even vanaf, waardoor er veel meer naar boven kwam”, vertelt Kistemaker. Over hoe de mal voor het reliëf op het Heilige Geestkerkhof is terechtgekomen, heeft de archeoloog ook zijn idee. “Vroeger stapelden mensen hun afval op en waarschijnlijk was de mal gevallen, want hij was in goede staat, maar er ontbrak een aantal stukken. We hebben de aarde heel fijn gezeefd en daar kwamen we de ontbrekende delen. George Buzing heeft hier een contramal van gemaakt.”

Wethouder van weleer Corina Heuvelman mocht het reliëf onthullen omdat ze een belangrijke rol heeft gespeeld in de aanstelling van een stadsarcheoloog in Delft. “We hadden hier in Delft geen stadsarcheoloog en dat vond ik al tijden een gemis”, legt Heuvelman uit. “De werkzaamheden hier op het Heilige Geestkerkhof gaven voor mij wel aan dat dit erg jammer was. Daarom heb ik me sterk gemaakt om er één aan te stellen om in het vervolg, als er iets moest worden gebouwd, eerst de grond te onderzoeken op bodemschatten. Het reliëf is prachtig geworden.”

Ondanks al het enthousiasme over het reliëf heeft er tussen het vinden van de mal en de onthulling een kleine dertig jaar gezeten. “Dat komt doordat er destijds weinig enthousiasme voor was. Het was oorspronkelijk de bedoeling dat het als gevelsteen bij het appartementencomplex - dat toen in aanbouw was op het Heilige Geestkerkhof – zou worden geplaatst. De architect had er al rekening mee gehouden, maar uiteindelijk wilden ze het niet. Ook de toenmalige eigenaar van café De Oude Jan liep niet over van het enthousiasme”, vertelt Kistemaker.

Maar toen namen Jon Cornelese en Thijs van der Donk het café een kleine twee jaar geleden over. Kistemaker vertelde hen op een avond, aan de bar, over het reliëf. “En die jongens waren meteen enthousiast en wilden er van alles over weten. Dat enthousiasme werkte aanstekelijk, want de steen was bij mij eigenlijk al enigszins in de vergetelheid geraakt. Wat dat aangaat verdienen die jongens een dikke pluim.” (AdW)

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12