Cultuur, techniek en vooral vertier in het Prinsenkwartier

  cultuur

Editie: Week 51, Jaargang 22 |

Jan Brouwer, Hilke Oskam, José Zeldenthuis en Tijn Noordenbos kijken uit naar het moment dat ze het Prinsenkwartier kunnen betrekken.

DELFT – Nusantara is niet meer, maar de leegte die het museum letterlijk achterliet wordt binnenkort weer gevuld. Over ruim twee maanden zal in het 1200 vierkante meter grote pand het ‘Prinsenkwartier’ verrijzen: een plek waar meerdere partijen met gebundelde krachten meer willen bereiken dan nu.


Als we er vrijdagmiddag komen kijken, wordt er hard gewerkt. Enkele muren zijn al bezweken onder de kracht van slopershamers. Restanten ervan vullen – in de vorm van stof - de ruimte. De indeling van het immense pand wordt veranderd omdat de lichtere en open ruimtes straks symbool staan voor de samenwerking, wordt ons uitgelegd. “Want de samenwerking is wel heel essentieel”, zegt Hilke Oskam van de Kunstsuper. Zij en José Zeldenthuis van Kadmium en Stichting Stunt zijn straks de adjunct-directeuren van het Prinsenkwartier. “Het is niet dat we hier allemaal alleen onze eigen kunstjes tonen. Juist in samenwerking zit de versterking. Versnippering levert je niet veel op, dan blijf je kleinschalig opereren.”


De nieuwe vaste bewoners van het Prinsenkwartier worden De Kunstsuper, het Techniek OntmoetingsPunt (TOP) Delft, Kadmium en Stichting Stunt. Daarnaast zullen ook Museum Prinsenhof, Delfia Batavorum, Delft Design, Collectief en Studium Generale van de TU er regelmatig aan de slag gaan. Voor bezoekers komt bovendien een nieuwe café. Dit is het enige dat bedrijfsmatig wordt gerund, de andere partijen zijn niet-commerciële stichtingen. 
“Onze plannen bestaan uit vier lagen”, legt Jan Brouwer van TOP Delft uit. “We blijven met onze organisaties doen wat we al deden, er komen daarnaast nieuwe activiteiten, we gaan meedoen met wat al gebeurt in de stad èn gaan daarnaast nog activiteiten voor derden organiseren die hier goed passen.” Dat kan van alles zijn. Wie er een beeldententoonstelling of een muziek- of theatervoorstelling wil organiseren is van harte welkom.


Zonder subsidie
Het Prinsenkwartier zal vanaf de start in februari 2015 bestaan zonder subsidie van de Gemeente Delft. “We gaan hier dus cultureel ondernemen. Onze enige sponsor is Fonds 1818”, geeft Oskam aan. De organisaties op zich trekken nu jaarlijks en bij elkaar opgeteld 20.000 bezoekers. Door de krachten te bundelen hopen de partijen dat dit er minimaal 30.000 worden. Dan is het Prinsenkwartier rendabel. “Maar samen met Museum Prinsenhof, dat nu jaarlijks 60.000 bezoekers trekt, hopen we samen de 100.000 bezoekers te halen”, zegt Brouwer.


-Wat biedt dit pand jullie voor extra mogelijkheden?
Oskam: “Het biedt ons sowieso heel veel qua sfeer en uitstraling. We hebben de beschikking over  veel wat mooie en hoge ruimtes. We kunnen hier nog volop groeien.”
Brouwer: “Met het Sint Agathaplein voor de deur krijgen we een prachtig plein met veel mogelijkheden erbij.”
Tijn Noordenbos: “Het wordt leuk straks in dit gebied te ondernemen. Waar nu nog wordt gewerkt aan de Spoortunnel, komt straks een prachtige boulevard en een nieuwe gracht. We worden, vanaf hier, de eerste poort naar de binnenstad. Daarnaast wordt deze plek voor alle partijen een mooi en nieuw begin.”
José Zeldenthuis: “Voor Stichting Stunt wordt dit een mooie plek voor een leerwerkbedrijf waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt allerlei soorten werkzaamheden kunnen uitvoeren.”
Noordenbos: “Kunstenaars kunnen zich bij ons melden om hun werk in onze Kunstsuper te verkopen.”
Zij, en alle anderen die interesse hebben in het huren van een ruimte of het organiseren van een activiteit, kunnen voor meer informatie mailen naar info@prinsenkwartier.nl.

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12

Meer berichten
 
CustomHtml_1