Zangeres Liz Kay is Eliza Krul, maar dan een beetje excentrieker, gedurfder en vrouwelijker

Algemeen

DELFT – Eliza Krul is de naam. En Liz Kay de artiestennaam. Eliza Krul werkt voor ‘Nota Bene’, dat in evenementen en communicatie doet. De DSW Schaatsbaan was zo’n (spraakmakend) evenement. Liz Kay is komende week in Duitsland, voor het opnemen van haar (tweede) videoclip.

Eliza Krul, om haar draait het in dit gesprek. Ze is 26 jaar jong. Ziet er goed uit. Is wat je noemt welbespraakt. En alsof dat nog niet genoeg is: ze is Delftse. In hart en nieren. “Ik hou van de sfeer in Delft. Het is niet te groot en niet te klein. Ik weet er alles te vinden, ik voel me hier heel erg thuis. Nee, ik zal niet gauw uit Delft weggaan. Mijn grootste droom is een mooi grachtenpand in Delft”. 

- Hoe kan je een Delftenaar herkennen?
“Aan een bepaalde uitspraak. Een beetje vergelijkbaar met Rotterdams en Haags. Aan de andere kant: hier wonen zó veel verschillende nationaliteiten, ook dát maakt het hier leuk. Delft is echt een stad”. 

- Maar mis je dan niks in Delft?
“Een grote discotheek. Daarvoor moet je nu naar Rotterdam of Den Haag, al is dat wel aardig dichtbij. Een leuk jazzcafé, dat mis ik ook wel. Maar er gebeurt best veel in Delft, ook op muziekgebied”. 

Ze kon goed leren, al was het niet zo dat ze niets liever deed. De MAVO deed ze ‘op haar sloffen’. De HAVO vergde wat meer energie. “Maar ik neem wel snel dingen op”. Ze weet nog goed wat ze wilde worden toen ze nog maar een hummeltje was: “Moeder”. En: “Ik wilde ook altijd wel wat creatiefs. Ik had al jong interesse voor toneel, voor dans, Zingen doe ik, denk ik, sinds m’n dertiende. Als er een podium in de buurt was, wilde ik daar wel op terecht komen. Ik stond graag in de spotlights, al jong. Maar ook de verzorging heeft me wel getrokken. Werken met bejaarden, met gehandicapten”. 

Ze was pas zeventien toen ze aan de HBO-opleiding Culturele en Maatschappelijke Vorming begon. “Dat was zo’n veelzijdige opleiding, ik wist dat ik daar veel kanten mee op kon. Voor anderen was dat overigens juist de reden om voortijdig af te haken. Ik heb ’t afgemaakt. Ik hou van veelzijdigheid. Ik wil me graag met verschillende dingen tegelijk bezighouden. Maar ik ben ook wel weer zo dat ik liever één ding goed doe dan een aantal dingen half”. Ze was dan wel mooi afgestudeerd, een baan vinden bleek andere koek. “Ik solliciteerde me gek. Er waren soms wel 250 reacties op die sollicitaties. En dan kwam ik wegens gebrek aan ervaring niet in aanmerking. Maar dat je niet eens werd uitgenodigd voor een gesprek, dat was zó frustrerend”. 

Ze besloot haar pijlen te richten op het zingen. Belandde bij Theatergroep Keizer & Van der Mast. Speelde daar in ‘De Band en de Bastaard’ de rol van zangeres. Dat leidde tot optredens met de band die in dat stuk speelde. Ze liep talentjachten af, maakte deel uit van een popgroep. “Daar zijn we een jaar mee bezig geweest. Mooie ideeën, maar er is, muzikaal gezien, nooit wat uitgekomen”. Ze werkte even als persvoorlichter in Delft. Solliciteerde bij FunX Radio, liep daar een dag mee en wist toen al genoeg: “Ik voelde me daar gewoon niet thuis”. Belandde daarna bij Breed Welzijn Delft. 

- Zo jong en dan al ambtenaar? 
“Eigenlijk niet. Breed Welzijn Delft is een stichting, die voor een deel door de Gemeente wordt gesubsidieerd, maar de mensen dachten wel dat ik ambtenaar was. Ik begon daar als sociaal-cultureel werker. Organiseerde culturele activiteiten in wijk- en jongerencentra. Heb ik drie jaar gedaan, waarvan één jaar tienerwerk”. 

Ze had het daar redelijk naar haar zin, maar ook weer niet zo dat ze er haar levensvervulling in zag. “Met name de organisatorische aspecten en ook het structuur aanbrengen in dat soort activiteiten vond ik leuk. Maar er heersten nog wel van die geitenwollensokkenideeën, ik wilde het graag wat meer praktisch. Ik kon er niet alles kwijt wat ik op school had geleerd. Dat was overigens ook gewoon een kwestie van geld. Dat is zó jammer. De kinderen zijn daar de dupe van. Ik heb destijds onderzoek gedaan, toen ik bij Breed Welzijn Delft begon. Daar is nu nóg niks mee gedaan. Dat vind ik het moeilijke: je ziet dingen misgaan, maar je kan er geen grip op krijgen. Al had je maar een kleine verbetering kunnen bewerkstelligen. Ik had geen zin daarop te wachten, daar ben ik toch te ongeduldig voor. Al ben ik ook best wel een doorzetter”.

Het leven is niet altijd even makkelijk. Tja, het is een cliché van jewelste. “Je maakt soms keuzes die voor de rest van je leven bepalend zijn”, weet Eliza Krul intussen ook. Zo’n keuze was voor haar of ze in de voetsporen van haar moeder zou treden. Zou ze ooit ook een kapperzaak runnen, omdat ze daar heel wel geknipt voor zou zijn? Nee, dus. “Ik heb in de kapperszaak gewerkt. Als bijbaantje. Dat vond ik op zich best leuk, maar dat knippen trekt me toch niet echt. Knippen is knippen. De volgende stap zou zijn het overnemen van de zaak. En dat is niks voor mij”. 

Ze noemt het afgelopen jaar ‘een keuzejaar’. Want: “Ik heb wel voor zware beslissingen gestaan. Leuke en minder leuke dingen”. Zegt ook: “Ik heb veel van mezelf moeten laten zien”. En: “Ik ben heus niet op m’n mondje gevallen. En ik kom eerder voor anderen op dan voor mezelf. Maar ik ben er achter gekomen dat ik ook voor mezelf moet spreken”. Ze zegt dat ze, al lijkt dat misschien niet zo, nogal onzeker kan zijn. ”Maar zodra ik een microfoon in m’n handen heb en een podium opstap, doe ik gewoon m’n ding. Dan kan er best wat fout gaan, maar daar stap ik dan overheen. Ik hoor ook graag van mensen wat ze eerlijk van me vinden. Daar kan ik wat mee. En ik denk dat er zonder die onzekerheid ook helemaal niks aan zou zijn”. 

Sterker nog: “Ik vind dat het iemand kan sieren als je bepaalde onzekerheden hebt. Iedereen is wel ’s onzeker. Ik dus ook. Maar als ik op het podium sta, zal niemand dat aan me zien. En gelukkig slaat het dan niet op m’n stem. Het uit zich dan meer in trillende knieën. En het wil nog wel ’s op m’n darmen slaan”. Lacht: “Ik heb wel ’s een Diacure-pilletje in moeten nemen, vlak voor een optreden”. 

Eliza Krul werkt sinds september vorig jaar voor ‘Nota Bene’, het Communicatie- en Evenementenbureau van Robin en Nannette Verschoor. Ze werkt daar fulltime, al bepalen de klussen die ze onderhanden heeft hoe fulltime fulltime is. Ze had, eind vorig jaar, de handen vol aan de DSW Schaatsbaan. Waar ze, als één van de bedrijfsleiders, van alles deed. Ze hield net zo makkelijk de website bij als dat ze de baan veegde. Ze bemoeide zich met de (ongeveer dertig) vrijwilligers, onderhield contacten met de sponsors en had het druk met de Schaatsbaankranten. 

Intussen is ze in de weer met een project voor DSM Gist. En straks wacht de organisatie van Koninginnedag, waarvan ‘Nota Bene’ ‘een heel ander feest’ gaat maken, onder de ook al nieuwe naam ‘Oranjedag’. “Ja, dat wordt heel anders dan vorige jaren. Hoe anders, dat moeten de mensen zelf maar komen bekijken”. En dan staat er nog een nieuwe aflevering van ‘Musicals in Delft’ op stapel. “Ik ga dat voor de eerste keer doen. Inhoudelijk zal er weinig veranderen”, belooft ze, “maar het wordt wel groter en professioneler”. Dit werk bevalt haar. Ze kan er haar ei in kwijt, vooral ook omdat het zo afwisselend is. “Ik ben heel zelfstandig, maar ook een teamplayer. En ik geef niet snel op, dat kan ook wel handig zijn”. 

- Is er nou iets waarvan je zegt: dat zou ik graag beter willen kunnen?
“Ik zou wel meer willen kunnen, bijvoorbeeld als het om tekstschrijven gaat. En ik zou ook wel wat zakelijker willen zijn. Niet dat ik dat zo ontzettend leuk vind, maar het is gewoon noodzakelijk dat ik me daarin verder ontwikkel”. Ze denkt even na. Dan: “Als het met zingen niet zou lukken, zou ik graag willen presenteren op TV. Ja, dat zou ik ècht graag willen. Ik heb al wel wat presentaties gedaan, in Delft, maar ik weet dat ik daar nog heel veel in kan leren”. 

- Maar krijg je dan weer niet last van die onzekerheid? Of erger misschien nog: van de zenuwen?
“Zonder zenuwen kan je niet zo goed presteren. Tè zenuwachtig, dat schiet natuurlijk niet op, maar gezonde zenuwen dragen bij aan goede prestaties”.

Aan wie Eliza Krul haar muzikale talenten te danken heeft, ze zou het niet weten. Hoewel: “Mijn oma zong vroeger ook. En een broer van m’n oma was muzikant. Mijn moeder doet niks muzikaals. Al zou ze wèl graag toneelspelen. Mijn broer is muzikaal, hij flanst op z’n computer muziek in elkaar. Hij is nu, een beetje laat, want hij is 28, begonnen met piano- en gitaarles. Maar nee, we zijn er thuis niet mee opgegroeid. We hebben thuis ook nooit een piano gehad. Ik vind het wel jammer dat ik zelf geen instrument kan bespelen. Ik heb wel nummers met eigen teksten, maar ik zou het echt gaaf vinden als ik ook de muziek zou kunnen componeren. Nee, het is nog niet te laat, dat is zo, maar ik kan ook met zingen nog zó veel leren”. 

Ze waagde zich drie-en-een-half jaar geleden aan zangles. Een beetje laat, vind ze ook wel, maar beter dan nooit. Want ze heeft er baat bij: “Ik heb meer bereik gekregen. M’n ademhalingstechniek is verbeterd. Je krijgt een stuk theorie. Nee, ik kan geen noten lezen, hoewel ik ooit wel blokfluitles heb gehad. Ik ben, door die zanglessen, beheerster gaan zingen. Al is het ook zaak mijn flair niet te verliezen”. Want: “Ik heb liever dat iemand zich helemaal geeft en dan mag je er best ’s naast zitten”. Ze vertelt over de audities en talentenjachten waar ze aan meedeed. Hoe ze zich vergeefs wierp in de loterij die Idols heet. Over de popgroep waar ze deel van uitmaakt. Over het Open Podium, in Café Diner Vlaanderen. En over de band Doggybag waarmee ze regelmatig optreedt. 

Ze is, muzikaal gezien, niet voor één gat te vangen. “Ik zing nu vooral commerciële dance. Maar ik heb ook soul gedaan. En top 40-muziek. Ik kan me in veel verschillende dingen vinden. Het liefst zou ik een eigen band vormen, met pop-rock-repertoire. Zoiets als Anouk, maar dan softer”. Ze maakt er geen geheim van: “Ik zou heel graag willen leven van het zingen. Maar het blijft een onzeker vak. Wil je een beetje vast inkomen hebben, dan moet je met een coverband zingen of zoiets. Zo lang ik zingen en werken kan combineren zoals ik het nu doe, vind ik ’t ook prima”. 

Ze heeft het de komende week druk met het opnemen van een videoclip, in Duitsland. Het gaat dan om de New Order-cover ‘True faith’. Ze geniet nu al. Geen wonder, want ze bewaart onvergetelijke herinneringen aan de opnamen van haar eerste videoclip, met het nummer ‘When love becomes a lie’, dat in de Top 4- belandde. “Dat was echt supergaaf. Een droom. Maar ook heel raar. Al die mensen waren druk bezig voor dat kleine meisje uit dat kleine stadje uit dat kikkerlandje. Op een gegeven moment, toen die mensen m’n koffers gingen dragen en zo, dacht ik zelfs: Doe effe normaal”. 

- Ben jij ijdel?
“Ja. Maar niet dat ik heel erg fanatiek achter de mode aanhuppel, al zie ik er wèl graag goed uit. Maar ik kan net zo makkelijk in slobberkleren boodschappen gaan doen, dat maakt me ook niet uit”. 

- Vind je jezelf knap?
“Knap? Ik heb, denk ik, uitstraling. Dat ik iets van binnenuit naar buiten breng. Je hebt mensen, die zijn heel erg knap, maar die stralen niks uit. Maar ik denk wèl dat ik geluk heb gehad dat ik er goed uitzie”. 

- Heb je daar voordeel van?
“In het welzijnswerk kon het wel ’s een nadeel zijn. Jongens zagen je dan vooral als meisje en veel minder als iemand die haar werk kwam doen. Ik merk ook wel dat mooie mensen vaak harder hun best moeten doen om aardig gevonden te worden. Maar het kan inderdaad ook in je voordeel werken. Bijvoorbeeld omdat mensen je eerder aanspreken. Ik ben me overigens niet van m’n uiterlijk bewust. Ik ben er ook niet mee bezig, ik doe gewoon m’n ding”. 

- Doe jij aan carrièreplanning?
“Ik heb niet zo’n onwijze behoefte om carrière te maken. Ik wil doen wat bij me past, wat ik leuk vind. Ik ben ook niet zo’n planner. Ik zal er nooit voor kiezen zó hard te moeten werken dat ik geen tijd heb om te genieten van het geld dat ik dan verdiend zou hebben. Vrije tijd, liefde, reizen, m’n vrienden, dat vind ik veel belangrijker”. 

- Wat vindt Eliza Krul eigenlijk van Liz Kay?
“Ik zie Liz Kay als een stukje van Eliza Krul dat is uitvergroot. Dat stukje laat zich graag zien. Is wat excentrieker, wat gedurfder, wat vrouwelijker. Dat mag met zo’n dance-act ook wel. Je krijgt dan wat van mij te zien, maar niet alles. Je ziet mij dan zonder mijn onzekerheden”. 

- En wat vindt Liz Kay van Eliza Krul?
Daar moet ze wel heel lang over nadenken. “Een echt heel moeilijke vraag”, zucht ze. “Daar kan ik eigenlijk geen antwoord op geven. Nee, ik kan niks met die vraag”. (PB)

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12