
Dubbel Delft 8/2
Algemeen Dubbel DelftDELFT - De eerste nieuwbouw buiten de deels ommuurde binnenstad was naast het station. Het was de eerste nieuwbouw die meer was dan een enkel huis of boerderij. Het werd uiteindelijk een straat met allure: mooie panden en dito tuinen. De bewoners bedachten in 1875 de naam ‘van Leeuwenhoekstraat’. Die naam was niet zomaar gekozen, het was op 8 september 1875 precies 200 jaar geleden dat Antoni van Leeuwenhoek met zelfgemaakte microscopen minuscule ‘wezens’ had ontdekt. De Delftse gemeenteraad vond het een goed idee, maar vond vanwege de allure van de straat de toevoeging ‘singel’ meer op z’n plaats. De toevoeging ‘singel’ was eigenlijk voor straten langs het water, zoals bijvoorbeeld de Oostsingel. In dit geval kon het omdat de straat een onderdeel was van de oude ‘Buytenweg’ die net als de singels om de stad heen liep. En dus werd het de van Leeuwenhoeksingel. Zo had het oude station huisnummer drie. Antoni van Leeuwenhoek was zoon van een Delftse mandenmaker en werd opgeleid als landmeter voor de lakenhandel. In zijn vrije tijd raakte hij steeds meer geïnteresseerd in datgene wat hij zag door zijn zelfgemaakte microscopen. Door de ontdekkingen die hij deed werd hij in 1680 lid van de Engelse Royal Society. Aan het hek langs de Boterbrug bij het Meisjeshuis in nog een mooie bronzen gedenkplaat te zien ter ere van deze beroemde stadsgenoot. De van Leeuwenhoeksingel was bereikbaar via het Stationsplein en later ook ter hoogte van de plek waar in de jaren zestig de Irenetunnel zou worden gebouwd. Met de komst van de treintunnel moest de van Leeuwenhoeksingel wijken, evenals de Irenetunnel. Wat bleef zijn de namen ‘Ireneboulevard’ en het ‘van Leeuwenhoekpark’, het beoogde groene hart van ‘Nieuw Delft’. Het ligt letterlijk op het dak van de spoortunnel.








