Foto: Koos Bommelé
Foto: Koos Bommelé

‘Kinderen moeten zorgeloos kunnen spelen’

Algemeen

DELFT - De veiligheid van kinderen in speeltuinen en andere openbare plekken staat opnieuw ter discussie. Aanleiding is een reeks zorgen van bewoners. Onafhankelijk Delft stelde hierover vragen aan het college van B&W. Het gemeentebestuur heeft inmiddels uitgebreid geantwoord en benadrukt dat veiligheid en preventie hoog op de agenda staan. 

“Bewoners geven aan dat er regelmatig personen met verslavingsproblematiek en dak- en thuislozen aanwezig zijn in en rondom speeltuinen”, aldus fractievoorzitter Jolanda Gaal van Onafhankelijk Delft. “Dit leidt tot gevoelens van onveiligheid bij ouders en kinderen.” Volgens het college zijn er dagelijks toezichthouders en boa’s actief in de Delftse wijken. Zij letten niet alleen op overtredingen, maar ook op ongewenst gedrag richting kinderen. Daarnaast geldt de landelijke norm van één wijkagent per 5.000 inwoners. “De wijkagenten hebben in de eigen wijk aandacht voor de vaste locaties, zoals speelplaatsen, ontmoetingsplaatsen en scholen”, schrijft het college. Ook zijn er ‘thema gebonden agenten’ die zich bezighouden met jeugd en scholen. De politie surveilleert daarnaast bij meldingen en incidenten op vaste plekken. Hiermee moet worden voorkomen dat kinderen en ouders zich onveilig voelen, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van mensen met verslavingsproblemen of dak- en thuislozen bij speelplekken. Wat betreft de aanwezigheid van dak- en thuislozen benadrukt de gemeente dat Delft 24-uursopvang biedt, inclusief maaltijden en begeleiding richting werk, opleiding of dagbesteding. Daarnaast bestaan er laagdrempelige inlooplocaties en initiatieven zoals de Herstelacademie van GGZ Delfland, waar ervaringsdeskundigen steun en activiteiten organiseren. 

Preventie
Gaal wijst ook op het ontbreken van sociale controle en ontmoetingsplekken in de wijk, mede door het verdwijnen van buurthuizen en wijkcentra door de jaren heen. Gaal wil weten op welke wijze de gemeente samenwerkt met politie, jeugdzorg en buurtwerkers om risico’s voor kinderen en jongeren in de openbare ruimte tijdig te signaleren en aan te pakken. Een terugkerend onderdeel van de Delftse aanpak is het programma Preventie met Gezag, laat het college daarop weten. Daarmee werkt de gemeente samen met partners in de stad om risico’s vroeg te signaleren. “Zo zijn er extra inloopmomenten gerealiseerd door de jongerenwerkorganisaties en er is veel aandacht voor activiteiten tijdens vakanties”, schrijft het college. In Delft-West vindt regelmatig overleg plaats tussen jongerenwerkers, boa’s en politie. Zij bespreken wat er speelt in de wijken en stemmen hun inzet op elkaar af. Zo willen ze voorkomen dat jongeren afglijden richting criminaliteit of overlastgevend gedrag. Onafhankelijk Delft wees op het verdwijnen van buurthuizen en het belang van sociale controle. Het college verwijst naar de sociale visie waarin meer ontmoeting centraal staat. Door onder meer het ontsluiten van ontmoetingsruimte en activeren en ondersteunen van bewoners en sleutelfiguren om meer ontmoetingsactiviteiten in de wijken op te zetten, wil Delft de samenredzaamheid vergroten en het veiligheidsgevoel versterken.

Bewoners betrekken
Op de vraag hoe inwoners structureel bij veiligheid kunnen worden betrokken, wijst de gemeente op de 31 actieve buurtpreventieteams. “Via eigen WhatsApp-groepen worden bewoners regelmatig geïnformeerd en krijgen ze praktische tips met betrekking tot veiligheidsvraagstukken.” Daarnaast zijn er meerdere keren per jaar bijeenkomsten voor beheerders van de buurtpreventieteams. Ook vinden er leefbaarheidsoverleggen plaats op wijkniveau, waar de wijkagent, wijkregisseur, gemeentelijke handhavers en maatschappelijke organisaties aanschuiven. Hier worden signalen uit de wijk besproken en waar nodig direct opgepakt.