Voorzitter Robert van den Bosch (rechts) en bestuurslid Ron Verhaar. (foto: Roel van Dorsten)
Voorzitter Robert van den Bosch (rechts) en bestuurslid Ron Verhaar. (foto: Roel van Dorsten)

d.v.v. Delft heeft de weg naar boven weer te pakken

sport

DELFT - Afgelopen najaar nam d.v.v. Delft met het aftreden van Ries van Dam en Theo Jansen afscheid van decennia aan bestuurservaring. Voorzitter Robert van den Bosch en zijn bestuur doen er alles aan om hun werk op de Delft-manier voort te zetten. 

Door: Alphons de Wit jr. 

“Wat mij zo opvalt aan deze vereniging, is dat ze echt bij mensen in het DNA zit”, vertelt Van den Bosch genietend van het zonnetje op het terras van zijn club. Het valt op dat er de afgelopen tijd heel wat onderhoud aan het complex heeft plaatsgevonden. Zo is er pas in de hal bij de kleedkamers een nieuwe lichtstraat geplaatst, hebben de reclame-uitingen een meer uniform karakter gekregen en is clubman Ad den Toom vandaag hard aan het werk de kozijnen van een nieuw likje verf te voorzien. 

Metamorfose
In zekere zin staat deze metamorfose van het complex symbool voor de vernieuwing die ook ook binnen de club gaande is. “Want ook binnen de club zijn we al onder leiding van het vorige bestuur de weg omhoog ingeslagen. Vorig jaar hebben we honderd nieuwe leden mogen verwelkomen en we zijn inmiddels hard aan het werk om een nieuw beloftenteam met jongens van onder de 23 op te zetten. Daarnaast hebben we met vijf elftallen de grootste G-afdeling van de regio en ook op het gebied van de jeugd hebben we de afgelopen jaren stappen gezet”, vertelt de nieuwe voorzitter.
Toen Ries van Dam vorig jaar bekendmaakte dat hij de voorzittershamer neer zou leggen, twijfelde Robert van den Bosch geen moment. “Ik vind dat je in het leven je verantwoordelijkheid moet nemen. Dan maak je best eens een uitglijder, maar dat hoort erbij. Ook al is een deel van het vorige bestuur gestopt; ik kan altijd op ze terugvallen en dat heb ik sinds oktober ook zeker gedaan.”

Toernooien en evenementen
Van den Bosch kwam tien jaar geleden bij Delft terecht. “Ik ben toen ingestroomd in de G-afdeling waar mijn zoons in spelen. Ik heb een eigen bedrijf dat dagbesteding verzorgt voor mensen met een beperking en veel van die jongens voetballen ook hier. Het is fantastisch hoeveel plezier die gasten op de club beleven. Het voetballen is voor hen echt het uitje.” In die tijd is de afdeling bijzonder gegroeid. “En dat is ook Univé opgevallen. Zij wilden graag samen met ons een groot G-voetbaltoernooi organiseren. Prachtig toch, dat zo’n bedrijf met je wil samenwerken? We hebben het het Univé Ted van Rutten toernooi genoemd naar Ted, die zich jarenlang met hart en ziel voor de G-afdeling heeft ingezet.”
Dat toernooi is zeker niet het enige evenement op de club. “Een aantal oud-spelers uit het eerste elftal, dat nu nog op zondag in het tweede speelt, organiseert feesten en andere evenementen. Zij hebben een d.v.v. Delft-hart en zijn goud waard voor de club. Ook hebben zij vorig jaar voor het eerst met veel succes het BVV-toernooi, vernoemd naar hun vriend en medespeler Benny van Viersen die in 2023 veel te vroeg is overleden, georganiseerd. Dit jaar is er weer een editie, dus er is een traditie in de maak.”

Sportieve toekomst
Op sportief vlak valt nog winst te behalen: het eerste elftal staat onderaan in de vijfde klasse. “Ook op dat gebied worden stappen gezet. Shravan Ganner is enthousiast bezig met het opzetten van een beloftenteam voor spelers van jonger dan 23 en er wordt hard gewerkt aan versterkingen voor de selectie voor het komende seizoen. “Het belangrijkste is dat de mensen ons weer weten te vinden. We hebben een geweldige G-afdeling, we hebben een groot onder -12 en onder -15 elftal en er zit duidelijk leven in deze club. Iedereen is welkom bij ons en we willen ons samen stap voor stap verder ontwikkelen. Natuurlijk hopen we op termijn met ons eerste elftal als vlaggenschip weer op een hoger niveau mee te kunnen doen, maar het belangrijkste is dat er plezier wordt beleefd en dat we er met zijn allen alles aan doen om de glorietijden terug te laten keren. Samenwerking is daarbij het sleutelwoord.”