
De twaalf stadspoorten van Delft
AlgemeenBij het lezen van de titel zal menig Delftkenner de wenkbrauwen fronzen. Twaalf stadspoorten van Delft? Er waren er toch maar acht? Waar en niet waar.
Door Jeroen Stolk
Nog vóór de acht bekende stadspoorten kende Delft al een Noord- en een Zuidpoort. De Zuidpoort was, net als de latere versie, een dubbele poort: de Rotterdamse Poort en de Schiedamse Poort. We hebben het dan over de late middeleeuwen. Deze beide poorten staan waarschijnlijk afgebeeld op een schilderij van Maerten van Heemskerck uit 1564. Het is nooit met zekerheid te stellen in welke mate dit werk een realistisch beeld toont, of dat er sprake is van eigen interpretatie door de schilder.
Ook de noordelijke stadsgrens had een eigen stadspoort. Deze was gelegen aan het Noordeinde, ongeveer op de plaats waar later de tweelingpoort naar Den Haag en Wateringen zou verrijzen. Een achttiende-eeuwse prent doet vermoeden dat ook dit een dubbele stadspoort was. Tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten was het Kabeljauwse Delft omgeven door Hoekse steden zoals Den Haag, Rotterdam en Dordrecht. Het kon daarom niet uitblijven dat deze situatie zou escaleren, hetgeen resulteerde in het beleg van Delft in 1359.
Dit beleg viel in het nadeel van Delft uit met als gevolg dat, naast andere strafmaatregelen, Delft gelast werd haar stadspoorten te slechten. De bakstenen moesten worden geschoond en naar Den Haag gebracht worden. Daar werden ze hergebruikt bij de bouw van het Haagse hof.
Dit en meer over de poorten leest u in “Delft Anders Bekeken” deel 3 dat eind augustus verschijnt. U kunt hiervoor intekenen bij Readshop Kempers in de Hoven.






