
Oliebollen
AlgemeenMet het kerstdiner van morgen en overmorgen nog in het verschiet, moet u er misschien nog even niet aan denken: de oliebol. Toch is deze oer-Hollandse lekkernij inmiddels net zo met kerst verbonden als met de jaarwisseling.
Door Jeroen Stolk
Zelfs nog vóór de eerste winkels en straten in kerstsfeer getooid worden verschijnen de oliebollenkramen al in het straatbeeld. Juist in die donkere, steeds korter en kouder wordende dagen voor kerst, verleidt de geur van oliebollen ons tot vroegtijdige consumptie. De feestelijk verlichte oliebollenkraam draagt bovendien bij aan de gezellige sfeer van december. Ontstaan uit de oliekoek werd deze winterse versnapering in de loop der tijd steeds boller waarna de naam mee evolueerde tot oliebol. Voor zowel de eerste afbeelding als het eerste recept moeten we terug naar medio 17e eeuw. Dit betekent dat het lekkers al zo’n drieënhalf tot vier eeuwen meegaat. Niet alleen de lekkernij veranderde, ook de prijs bleef niet ongewijzigd. In 1961 wisselden 8 oliebollen van eigenaar voor slechts één gulden. Dat de oliebol zich niet beperkt tot de jaarwisseling maar evenzo inherent is aan kerst en de kerstgedachte, blijkt uit het gegeven dat de lekkernij door de jaren heen ingezet wordt om middelen te genereren voor de medemens. Al in de jaren zestig werden oliebollen verkocht om de opbrengst ten goede te laten komen aan Algerijnse vluchtelingen. En in 2009 werden door bakkerij van Roon maar liefst 2000 oliebollen voor de voedselbank gebakken. Dat ook de oliebollenbakker met tegenslagen te maken kreeg werd in 1976 duidelijk tijdens een storm op 3 januari. De kraam op de hoek van de Mozartlaan met de Brahmslaan werd opgetild en bovenop een auto geparkeerd. Wij wensen u smakelijke feestdagen.



