Rik Hooijmans stuurt Max van der Werff met één beweging het bos in. (foto: Roel van Dorsten)
Rik Hooijmans stuurt Max van der Werff met één beweging het bos in. (foto: Roel van Dorsten) Foto: Roel van Dorsten

Rik Hooijmans hoopt op smakelijk toetje voor Schipluiden

sport

SCHIPLUIDEN - Schipluiden kent een prima seizoen. Na een tegenvallende eerste periode doen de mannen van trainer Xander Vos mee om de bovenste plekken. Het kampioenschap lijkt uit zicht, maar volgens aanvaller Rik Hooijmans is er nog genoeg om voor te spelen.  

Door: Alphons de Wit jr. 

Ook zaterdag stapte Schipluiden weer als winnaar het veld af. “De eerste helft was van onze kant eerlijk gezegd echt niet best”, vertelt Hooijmans. “Ariston ‘80 zat er steeds bovenop, waardoor we niet veel ruimte kregen en niet echt lekker in ons spel kwamen. We hadden echter ook wel door dat zij die intensiteit niet de volle negentig minuten op zouden kunnen brengen. In de tweede helft kwamen we dan ook beter in ons spel en kregen we ook aardige kansen. Uiteindelijk kregen we een terechte strafschop na een overtreding op Addisalem Hailemariam en die werd door Boyd van Beek keurig ingeschoten. Dat was genoeg voor de drie punten.”

Nacompetitie
En dat was alweer de twaalfde zege van het seizoen. “We begonnen het seizoen eigenlijk helemaal niet zo lekker. Het oogde wat futloos bij ons en uit de acht wedstrijden in de eerste periode behaalden we maar tien punten. Daarna ging het lopen en kwamen we in een flow. Inmiddels staan we derde en hebben we ons via een tweede plek in de tweede periode al weten te plaatsen voor de nacompetitie. Het kampioenschap is nog niet helemaal uit zicht, maar ook niet echt realistisch, al morst Westlandia de laatste tijd wel punten. Het zou mooi zijn als we KMD nog voorbij weten te gaan en tweede kunnen worden, want dan zouden we pas later instromen in de nacompetitie.”

Blessures
In die eerste periode was Hooijmans nog geen vaste kracht. “Ik heb met een knieblessure gekampt. Daarbij had ik een aantal keer het idee dat ik wel weer kon beginnen, maar volgde toch een aantal keer een terugslag. Dan is het lastig om het goede gevoel terug te krijgen.”
Dat lukte hem in het tweede elftal. “In dat elftal spelen veel jongens met wie ik van jongs af aan ben begonnen met voetballen. En het ging daar best lekker, zo lekker zelfs dat de trainer me weer bij het eerste elftal haalde. De afgelopen vier wedstrijden ben ik in de basis begonnen.”
Datzelfde geldt voor zijn broer Tom, die centrale verdediger is. “Het is sowieso hartstikke leuk om voor het eerste elftal van de club waar je al van jongs af aan speelt uit te komen en dan is het extra leuk als dat ook met je broer kan. Het is niet zo dat we in het veld een bijzondere connectie hebben ofzo. Hij is ook zes jaar ouder: ik weet de jongens met wie ik al in de jeugd samenspeelde makkelijker te vinden. Daarbij hebben we een fantastische selectie met jongens uit het dorp en jongens met specifieke kwaliteiten die van buitenaf zijn gekomen. Het past allemaal geweldig in elkaar.”

Basisplaats
Voorlopig lijkt de 19-jarige aanvaller verzekerd van een basisplaats. “Maar we hebben een grote selectie, waarin de verschillen zo klein zijn, dat je er straks ook zomaar naast kan komen te staan. In dat opzicht zal ik ervoor moeten blijven gaan. Dat ik altijd de volle honderdtachtig procent geef is ook één van mijn kwaliteiten. Daarbij heb ik de snelheid om na een korte kaats de diepte te zoeken, ben ik best sterk in de één-op-één en komen mijn voorzetten vaak wel aan.”
Deze kwaliteiten kan trainer Xander Vos goed gebruiken. “Hij is een fijne trainer. Eerst was hij assistent van Jeroen Hoefnagel en sinds die is vertrokken heeft Xander het overgenomen. Ik zie daarbij geen heel grote verschillen. Ze zijn beide heel fijne personen en staan waar dat kan midden in de groep. Daarbij zijn ze tactisch erg sterk.”
Al met al moet dat tot promotie leiden. “Via de titel zou dat een erg moeilijk verhaal worden, maar als we de huidige vorm in de nacompetitie voortzetten, weet je nooit wat er mogelijk is.”