
Gewapende baggerroof
AlgemeenIn de rijke brouwgeschiedenis van Delft was er met enige regelmaat leven in de brouwerij, maar ook daarbuiten.
Door: Jeroen Stolk
Zo bemerkte, in 1592, ook brouwer Pieter Jacobsz Varick. Pieter runde brouwerij Het Schilt, die gelegen was aan de Oude Delft. Mogelijk is de brouwerij tijdens haar bestaan verhuisd, want er zijn vermeldingen van een locatie van de Oude Delft oostzijde, doorlopend tot de Koornmarkt westzijde, maar ook vinden we Pieter aan de westzijde van de Oude Delft alwaar zich heden de nummers 35-37 bevinden. Dat is recht tegenover het Armamentarium. Pieter deed het niet slecht want zijn clientèle reikte zelfs tot Alkmaar. Varick bezat bovendien een huis met boomgaard in De Lier. Die boomgaard laag aan een water, de Lee genaamd. Dit was (en is) een riviertje dat door de dorpskern stroomde. Dat bood mogelijkheden, want het was de brouwer bekend dat slib of bagger zeer vruchtbaar was. Hij gaf opdracht er te baggeren en het stinkende goedje over zijn boomgaard te verspreiden. Maar Pieter had buiten de waard gerekend, of in dit geval; buiten de schout. Deze Gillis Pieter Diricxz, kwam met geweer in de hand en vijf schuiten vol gewapende mannen (twee man per schuit, gewapend met scheppen) het erf op. De schout en zijn mannen schepten de bagger eigenmachtig van Varicks boomgaard af om daarmee de naastgelegen openbare weg op te hogen. Ze lieten zijn boomgaard gehavend achter met “dellen ende petten” (diepe kuilen en gaten). Pieter Varick pikte dit niet en maakte er werkt van. Zowel de oud-huurder (Jan Gillisz, 67 jaar) als de nieuwe huurder (Pieter Diricxz, 29 jaar) legden onder ede een verklaring af over deze landvredebreuk en de schade aan Varicks eigendom. Of er nog lang met bagger naar elkaar gegooid werd weten we niet. Brouwer Pieter Jacobsz Varick overleed op 26 december 1598. Zijn overlijden vormde de opmaat tot het faillissement van brouwerij Het Schilt. Zijn erfgenamen waren gedwongen het bedrijf af te stoten.







