
Stichting Op-Nieuw: ‘Geen koffiegesprek, maar concrete hulp’
AlgemeenDELFT - Terwijl de gemeente Delft middels een rijkssubsidie miljoenen uittrekt voor langetermijnprojecten zoals Wij West, pleit Hans van der Burgh, oprichter van Stichting Op-Nieuw, voor directe en praktische ondersteuning van mensen die dat nú nodig hebben. Met een scherpe blik op het beleid en een heldere visie op ‘wat wél werkt’, laat hij zien hoe kleinschalige, betrokken zorg levens kan veranderen.
De kritiek van Van der Burgh op het Delftse zorglandschap is niet mals. “De versplintering in Delft is een drama. Er zijn zoveel partijen dat mensen niet meer weten waar ze moeten aankloppen.” Volgens hem leidt dat tot onduidelijkheid, bureaucratie en vooral: mensen die tussen wal en schip vallen. “Wat heb je aan een gesprek met een kopje koffie als je thuis geen bank, geen vloer en geen eten hebt?” Daarom richtte hij vijftien jaar geleden Stichting Op-Nieuw op, met een duidelijk uitgangspunt: mensen helpen van top tot teen. Geen vrijblijvende gesprekken, maar concrete hulp. Op dit moment begeleidt de stichting 25 cliënten, met onder andere jobcoaching, budgetbeheer, schuldsanering, dagbesteding, begeleid wonen en zelfs nachtelijke ondersteuning als dat nodig is.
Investering
Van der Burgh hekelt vooral het grootschalige initiatief Wij West, dat 15 miljoen euro kreeg toegekend vanuit het Rijk voor een project dat 20 jaar moet lopen. “Die organisaties in die alliantie? Die bestaan al jaren. En toch zijn de problemen in de wijken Buitenhof, Voorhof en Tanthof nog steeds even groot. Dan is er dus iets niet goed gegaan. Waarom moet er dan eerst weer onderzocht worden wat er speelt? Dat weten we toch al lang? Er komt vervolgens een plan voor de toekomst, en dan? Ondertussen zitten mensen in huizen zonder gordijnen, op kapotte stoelen, met kinderen die niet naar school gaan. Wij gaan wél naar die mensen toe. We zien het met eigen ogen.”
Vangnet
Op-Nieuw biedt een vangnet, vertelt Van der Burgh. De stichting beschikt over een succesvolle 2WielerAcademie, een mobiele fietsenmakerij en zelfs de Vissenopvang Nederland. Daarnaast heeft het team zich ontwikkeld in zorgverlening met 24/7-begeleiding. “We hebben nu drie cliënten in volledige zorg, en er staan nog zeven mensen op de wachtlijst. Deze mensen hebben ons nodig.” Van der Burgh is trots op de impact van zijn stichting, vooral omdat het geld dat ze ontvangen rechtstreeks naar de cliënten gaat. “We verkopen duizend fietsen per jaar, draaien goed met de mobiele fietsenmaker, en krijgen zorggeld voor begeleiding. Daarvan kopen we laminaat voor iemand zonder vloer, of verf om iemands huis op te knappen. Geen dure managers, geen rapporten.” Een ander speerpunt waar de stichting nu steeds meer op wil gaan inzetten, is circulair werken binnen de persoonlijke zorg. Binnen dit concept helpen cliënten elkaar met klusjes, schoonmaak of zorg, onder begeleiding. “Zo pakken we eenzaamheid aan én bouwen we een gemeenschap. En ze krijgen daar een vrijwilligersvergoeding voor. Iedereen doet mee.” De resultaten van de begeleiding die Op-Nieuw biedt liegen er niet om. “We begeleiden mensen naar stages, waar ze zelfs een vaste baan uit halen. Ondertussen werken we met hen aan verslaving, trauma, financiën... En we gaan mee naar huisarts en psycholoog. Niemand anders doet dat.”
Onderdak
Wat Van der Burgh wél zou willen van de gemeente? “Geen geld, maar ruimte. Een buurthuis dat we kunnen beheren. Want we groeien uit ons jasje. Nu zitten we in het buurthuis in Voorhof, maar ik weet niet hoe lang we hier nog mogen blijven.” Van der Burgh sluit af met een duidelijke boodschap: “Met praten en onderzoeken alleen kom je er niet. Je moet naar de mensen toe, de problemen zien en oplossen. Wij hebben een werkend concept, maar worden niet altijd serieus genomen. Terwijl het bewijs er is: onze cliënten knappen op, groeien, vinden structuur en perspectief. Daar mogen we best trots op zijn.”







