De begroting legt vast dat de woonlasten omhoog gaan. (Foto: Koos Bommelé)
De begroting legt vast dat de woonlasten omhoog gaan. (Foto: Koos Bommelé)

‘Om projecten te kunnen uitvoeren heb je wel middelen nodig’

Algemeen

DELFT - Op 20 september 2024 presenteerde het college de Programmabegroting 2025-2028 aan de gemeenteraad. In deze begroting legt het college de focus op het uitvoeren en afmaken van bepaalde opgaven. Geld voor nieuwe plannen is er niet, ruimte om eerder gemaakte plannen uit te voeren is er wel. Vorige week donderdag stemde de gemeenteraad, na een uitgebreid debat, in met deze financiële plannen. Toch waren er vanuit verschillende partijen ook zorgen, met name over de stijging van de woonlasten en de financiële onzekerheid vanaf 2026. 

Door Frank van der Steen 

De afgelopen jaren is er door de gemeente keihard gewerkt aan een financieel stabiel Delft, wat in de begroting terug te zien is in het positieve beeld voor 2025. Maar met het ‘ravijnjaar’ 2026 in zicht, waarin het Rijk de gemeenten minder geld geeft om meer taken uit te voeren, moet ook Delft de komende jaren de juiste keuzes blijven maken: “Het belangrijkste is dat we moeten gaan investeren in een toekomstbestendig Delft. We moeten ervoor zorgen dat de plannen die we de afgelopen jaren hebben gemaakt ook echt uitgevoerd gaan worden. Het mooie is dat we voor eenmalige investeringen, die vervolgens een plek in de stad krijgen, gewoon de financiële ruimte hebben. Het lastige is dat we als gemeente betrekkelijk weinig middelen krijgen voor de structurele taken die we hebben, dingen die we moeten doen om een goede stad te zijn voor onze burgers. Dat maakt dat we aan de ene kant stevig kunnen investeren in drie grote opgaven, maar ook goed moeten nadenken hoe we het huishoudboekje van onze gemeente op orde gaan krijgen. Daarom gaan we de komende tijd werken aan een handelingsperspectief”, vertelt wethouder Financiën Martina Huijsmans.

Woonlasten
Omdat het Rijk de gemeente onvoldoende geld geeft voor bepaalde taken en voorzieningen, heeft het college noodgedwongen de woonlasten moeten verhogen om de begroting te kunnen sluiten. De begroting legt namelijk vast dat de onroerendezaakbelasting in 2025 stijgt met de 5,13% inflatiecorrectie, plus de 6,51% stijging die eerder in 2021 met de raad is afgesproken. Een beslissing waar vooral de fractie Hart voor Delft het niet mee eens is: “De begroting wordt dit keer sluitend gemaakt door, ten onrechte, de lasten van de Delftse burger te verhogen.” Ook Onafhankelijk Delft laat duidelijk merken het niet eens te zijn met deze keuze: “Inwoners worden voor de zoveelste keer extra belast. Dan vraag je je toch af wat er steeds misgaat.” Volgens wethouder Huijsmans is de gemeente zich wel degelijk bewust van de impact van deze stijging op sommige bewoners, maar waren er simpelweg geen andere opties voor het sluitend maken van de begroting: “Omdat inwoners van Delft al zulke stevige woonlasten hebben zijn we hier juist altijd heel secuur in geweest. We hebben dan ook zeker geprobeerd om deze stijging te voorkomen, vooral omdat we weten wat voor impact het kan hebben op mensen. Het is wel zo dat er ook bepaalde kwijtscheldingsopties zijn voor de stijging van de rioolheffing en reinigingsheffing. Voor mensen die binnen die kwijtscheldingsgrenzen vallen zijn er dus zeker mogelijkheden om een deel van de kosten terug te vragen, daar hebben we nog wel een vangnet.”

Delft-West
Er wordt komend jaar verder gewerkt aan de ontwikkeling van de stad, onder andere met grootschalige gebiedsontwikkelingen en bouwinitiatieven en ruimte voor verschillende woonvormen. Daarnaast ligt de focus op drie grote opgaven die bijdragen aan het versterken van Delft als een duurzame, vitale en inclusieve stad. Naast het Innovatiedistrict Delft en de energietransitie is ook het gebiedsplan Delft-West één van die grote opgaven. Maar hoe zit het met de overige Delftse wijken, krijgen die dan nog wel voldoende aandacht? Volgens burgemeester Marja van Bijsterveldt doet het college er alles aan om de situatie evenwichtig te houden, al verdienen sommige wijken volgens haar nu eenmaal extra aandacht: “Het is eigenlijk net als in een groot gezin, kinderen die het wat moeilijker hebben moet je wat meer aandacht geven. Natuurlijk is het belangrijk om ook in de Wippolder, Hof van Delft en in het Centrum activiteiten te hebben, maar volgens mij gebeurt dat eigenlijk volop. Het fijne is dat we door Delft-West veel extra geld hebben gekregen van het Rijk en ook nauwer samenwerken met partners als scholen en woningcorporaties. Daardoor kunnen we veel doen en leren we ook wat werkt en niet werkt. Die lessen passen we vervolgens toe voor alle Delftse wijken, zodat alle Delftse wijken meeprofiteren. Een voorbeeld daarvan zijn de wijkregisseurs; die hebben we ooit moeten wegbezuinigen maar zijn nu gelukkig weer terug in alle wijken. Hierdoor is er meer aanwezigheid in de wijken, waardoor we samenwerking versterken, kortere lijnen hebben, weten wat er gebeurt en kunnen optreden wanneer dat nodig is. Net als het college is ook de raad scherp op het evenwichtig houden van de wijken.”

Evenementen
Deze begroting maakt ook eenmalig budget vrij voor evenementen, waarmee ruimte wordt gemaakt voor wijkevenementen en er ook gehoopt wordt op steun aan noodlijdende festivals: “Het was een breed gedeelde wens vanuit de raad om evenementen wat meer naar de wijken toe te laten komen. Daarnaast zien we in de breedte dat evenementen het zwaar hebben omdat de inflatie zo ontzettend hoog is, voor sommige evenementen zijn de kosten in een paar jaar zelfs met meer dan 40% gestegen. Het evenementenbudget vanuit de gemeente is de afgelopen jaren flink gegroeid, maar wij zijn helaas maar één van de vele geldschieters. Toch zijn we al ontzettend lang bezig om te kijken of we als gemeente iets kunnen doen, bijvoorbeeld voor Westerpop. Echter, wij zijn ook als gemeente gebonden aan wetgeving, ik heb bijvoorbeeld überhaupt nog geen gronden kunnen vinden waarop wij specifiek aan Westerpop aanvullende subsidie zouden kunnen geven. Toch wil ik de komende tijd nog een laatste keer onderzoeken of er echt niet nog ergens een mogelijkheid ligt voor aanvullende steun, tegelijkertijd met het besef dat die kans gering is”, aldus wethouder Maaike Zwart.

Toekomst
In de begroting zien we dat het college niet van plan is dingen weg te bezuinigen die de stad nodig heeft, maar daar tegenover staat wel de onzekere financiële situatie in 2026. Vanuit de VVD klonk er dan ook felle kritiek op de begroting voor de lange termijn: “In deze begroting zien we geen duidelijk plan voor de lange termijn.” Wethouder Huijsmans legt uit dat er juist wel goed is nagedacht over de situatie op lange termijn: “We zien dat Delft vaak een patroon laat zien dat we aan het einde van het jaar toch wel zo’n 5 of 10 miljoen overhouden. Wat we nu proberen is om toch wat beter te bedenken aan wat we dat geld gaan uitgeven, zodat we achteraf wat minder overhouden, maar nog steeds heel veel goede dingen hebben kunnen doen. Omdat we goed nagedacht hebben over hoeveel we in een jaar kunnen doen weten we precies wat we voor volgend jaar, en de jaren daarop, aankunnen als organisatie.”

De Programmabegroting 2025-2028 werd door een ruime meerderheid van de raad aangenomen, alleen Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, SP en VVD stemden tegen. Waar vorig jaar nog met angst naar 2026 werd gekeken, lijkt die angst nu enigszins te zijn afgenomen.