Volgens Weijne onderstreept de comeback het geloof in een succesvolle eindfase (Foto: Roel van Dorsten)
Volgens Weijne onderstreept de comeback het geloof in een succesvolle eindfase (Foto: Roel van Dorsten)

Eindsprint moet Ariston’80 behoeden voor degradatie

sport

DELFT - Vorige week zaterdag zorgde Ariston’80 voor een ware Houdini-act door tegen Vitesse Delft alsnog een punt te pakken na een kansloze 4-0 achterstand. Volgens trainer Joey Weijne onderstreept deze comeback het geloof in een succesvolle eindfase van het seizoen: “We staan op een lastige positie, maar wij hebben de kwaliteiten en het vertrouwen om het nog om te draaien.” 

Door Frank van der Steen

Mede door een moeizame eerste seizoenshelft, waarin slechts één keer werd gewonnen, vechten de Delftse studenten op dit moment tegen degradatie. Vorige week ging de ploeg van Weijne op bezoek bij stadsgenoot én directe concurrent Vitesse Delft: “Maar alles waar we vooraf op hoopten kwam er gewoon niet uit! Het lukte ons niet om Vitesse bij de keel te grijpen en we stonden na 75 minuten dan ook dik verdiend met 4-0 achter. Tussendoor stopte onze keeper nog een strafschop, dus het had zelfs nog wat erger kunnen zijn.” Toen een kwartier voor tijd de 4-1 viel dacht Weijne nog niet gelijk aan een comeback, al zag hij zijn ploeg wel langzaam sterker worden: “We maakten eigenlijk per toeval de 4-1, dus ik had nog niet direct het geloof dat we de wedstrijd wel even zouden omdraaien. Toch waren we vanaf dat moment wel aan het drukken en creëerden we ook wel wat kansen, waar uiteindelijk ook de 4-2 uit voortkwam. Zelfs toen had ik nog niet echt het geloof in een resultaat, maar toen vijf minuten voor tijd de 4-3 viel voelde ik dat het ging gebeuren! Bij hun sloop er na de 4-3 echt een bepaalde angst in de ploeg, terwijl wij juist steeds meer vertrouwen kregen. Dat we uiteindelijk die 4-4 maken biedt natuurlijk veel hoop voor de laatste vijf wedstrijden, want het is zeker nog niet gedaan en er is nog genoeg om voor te spelen.” 

Sterke tweede seizoenshelft
De hoop op een eindsprint komt volgens Weijne ook voort uit een overduidelijk betere tweede seizoenshelft: “We hebben na de winterstop tot nu toe al vijftien punten gepakt, dat is vergeleken met de eerste seizoenshelft al een behoorlijk aantal. We hebben alleen van BMT, Lyra en koploper Westlandia verloren, en tegen Westlandia waren we nog dichtbij een punt ook! De afgelopen twee wedstrijden tegen GDA en Vitesse Delft kwamen we op achterstand, wat er uiteindelijk toch voor heeft gezorgd dat we die wedstrijden niet hebben gewonnen. Als we de komende wedstrijden net zo goed spelen als in het laatste kwartier tegen Vitesse Delft ben ik ervan overtuigd dat we het gaan redden. Met het vertrouwen en het geloof zit het in ieder geval wel goed, dat heeft iedereen zaterdag wel kunnen zien. Als de jongens er niet meer in geloven zouden ze zich niet terugknokken na een 4-0 achterstand.”

Cruciale eindfase
In de laatste vijf wedstrijden van de competitie rekent Weijne nog op de terugkeer van een aantal spelers: “Het ziet ernaar uit dat Jorge Bonekamp, Bouwe van der Poel én Sam Randeraad in de laatste fase van het seizoen weer kunnen aansluiten. We hebben de afgelopen maanden uitstekende wedstrijden gespeeld, maar deze jongens zorgen toch weer voor wat extra breedte en kwaliteit binnen onze selectie!” Momenteel staat Ariston’80 op de 13e plaats, maar met nog vijf wedstrijden te gaan liggen er met GDA, TAC’90, DSVP, Duindorp en Vitesse Delft op geringe afstand nog genoeg kansen: “Normaal gesproken heb je 30 punten nodig om veilig te zijn, al twijfel ik of dat in deze competitie genoeg is. Het lijkt me sterk dat we met 30 punten rechtstreeks zullen degraderen, dus van de laatste vijf wedstrijden zullen we er minimaal drie moeten winnen om überhaupt een kans te maken!” Degradatie of niet, Weijne blijft Ariston’80 ook volgend seizoen trouw: “Ik heb het hier ontzettend naar mijn zin en daarnaast gaven de jongens aan dat ze graag willen dat ik volgend seizoen blijf, het liefst weer in de derde klasse! Daar gaan we in ieder geval alles aan doen.”