'Delft en D66 passen naadloos bij elkaar'
'Delft en D66 passen naadloos bij elkaar'

Boris van Overbeeke - D66

Algemeen

DELFT – Het bestuur van de stad is in handen van door de inwoners gekozen gemeenteraadsleden. Delft heeft 39 raadsleden die als volgt zijn verdeeld: GroenLinks (7), STIP (6), D66 (5), VVD (3), CDA (3), SP (3), PvdA (3), ChristenUnie (2), Hart voor Delft (4) en Onafhankelijk Delft (3). Met enige regelmaat laten we u kennismaken met een van de politici van deze partijen. Boris van Overbeeke kwam op zijn 24ste in de gemeenteraad van Delft, toen het jongste gemeenteraadslid. Na zes jaar zwaait hij af.

We zien je na de gemeenteraadsverkiezingen in maart niet terug?
Klopt. Delft is nog niet af maar het is aan anderen om nu verder te bouwen. Ik ben blij en trots dat ik me zes jaar lang voor de stad heb mogen inzetten. Niet doorvertellen maar ik ben bijna dertig. Het is tijd voor een nieuwe fase, tijd om iets nieuws te gaan doen.

Wie de gemeentepolitiek heeft gevolgd kent jou als degene die streed om de straat terug te geven aan de mensen. Wat betekent dat?
Als ik naar de straat kijk zie ik dat we gewoon ongelofelijk veel ruimte aan de auto hebben gegeven, rijdend of stilstaand. Ik wil dat we weer meer naar de straat kijken als een plek voor mensen. Een gezonde plek met veel groen, gericht op fietsers en voetgangers. Dat kan, als we ervoor kiezen.
Al dat asfalt is namelijk ook gewoon vreselijk zonde in een stad met ruimtegebrek. Terwijl we ook duizenden huizen willen bouwen voor mensen om in te wonen en het groen willen behouden voor een gezonde en leefbare stad. Ook daarom moeten we op een andere manier naar de straat kijken.

Vind je dat daarmee genoeg is gebeurd?
Er zijn belangrijke stappen zijn genomen ja. Dit college heeft de voetganger en de fiets op 1 gezet. Bijvoorbeeld met de uitbreiding van het voetgangersgebied in de binnenstad. Maar we zijn nog niet klaar. Denk bijvoorbeeld aan de Beatrixlaan. Dat is nu een vierbaans asfaltbarrière dwars door de stad. Duizenden mensen hebben door dat intensieve gebruik last van geluid en luchtvervuiling. De vraag is: waar kies je voor? De mensen die daar wonen of de automobilist die een paar minuten reistijdwinst boekt. Mijn keuze is voor de mensen die hier in deze stad wonen. Ik zeg: versmal die weg, bouw er huizen.

Je kwam in de raad om het Delftse klimaatbeleid aan te pakken. Hoe kijk je daarop terug?
Toch wel wat milder dan toen ik begon. Delft haalt de klimaatdoelen niet. Ik vond dat gênant in een stad met alles in huis wat wij hebben. En nog steeds wel. Maar het is echt een supercomplexe opgave. Technisch natuurlijk maar ook bestuurskundig. Het lukt alleen als we iedereen meekrijgen. Deze periode is er goed voorbereidend werk gedaan om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. Dat is nu ver af en daardoor kunnen we ook echt aan de slag. Zo kunnen de spades de grond in voor het open warmtenet en de eerste tien buurten gaan naar een duurzame warmtevoorziening. Ik heb er vertrouwen in dat we de komende jaren de inhaalslag gaan maken die zo nodig is in de daadwerkelijke vermindering in de uitstoot.

Wat zijn andere successen waar je op terugkijkt?
Ik ben heel blij dat ik naleving van de fair practice code in het gemeentelijk cultuurbeleid heb gekregen. Dat is een gedragscode die bepaalt dat mensen in de cultuursector eerlijk betaald krijgen voor hun werk. Klinkt logisch maar dat was het niet. De cultuursector heeft het de afgelopen jaren zwaar voor de kiezen gehad en te vaak kwam dat dan bij individuele kunstenaars terecht. Dan werd gezegd: ‘Ach, je kunt toch nog wel één keer gratis komen optreden. Je hebt toch hart voor de zaak?’ Natuurlijk hebben die mensen hart voor cultuur, maar de bakker heeft dat ook voor zíjn zaak. En tegen de bakker zeggen we ook niet: ‘We nemen dit halfje volkoren vandaag even gratis mee want dat is zo goed voor je exposure’. Met het naleven van de fair practice code is de cultuurcrisis nog niet opgelost. Maar we zetten wel een belangrijke stap. Hiermee leggen we in ieder geval tot 2030 vast dat eerlijk betalen voor cultuur een basisvoorwaarde is onder een gezond cultuurbeleid.

Wat vind je van het resultaat van de kabinetsformatie? Goed voor D66?
Ik vind dat Sigrid Kaag en Rob Jetten daar echt fantastisch werk hebben geleverd. We herinneren ons allemaal hoe moeizaam het begon. Maar vriend en vijand zijn het erover eens dat het akkoord dat er ligt één en al D66 ademt, tot de Telegraaf aan toe. Dat is op zich nog niet iets om te triomfantelijk over te gaan lopen doen, want het werk begint nu pas. Maar ik lees de harde afspraken over 60% CO2 reductie in 2030, over gelijke kansen in het onderwijs, en over een ommezwaai in de houding tegen Europa. Het is duidelijk dat D66 ‘levert’ aan de meer dan 1,5 miljoen mensen die op ons hebben gestemd.

Hoe zie je de toekomst voor je in het kader van de verkiezingen 2022?
D66 is bij de Tweede Kamerverkiezingen in bijna alle wijken de grootste geworden. Overtuigend. Van de binnenstad tot in de Buitenhof. Dat is een eer voor de partij. Ik zie het als een bevestiging: Delft en D66 passen naadloos bij elkaar. Eigenzinnig én solidair, sociaal én liberaal, idealistisch én pragmatisch.
De zorgen van de toekomst zijn vooral de zorgen van jongeren maar de mensen aan de knoppen zijn vaak de vijftig al gepasseerd. De allereerste motie die ik indiende in de Delftse gemeenteraad ging hierover. Ik wilde en wil nog steeds dat Delft structureel naar jongeren luistert, omdat besluiten ook hen, nee juist hen aangaan. Van klimaatbeleid, tot jeugdzorg tot de bibliotheek. Wat we er nu over beslissen is hoe het nog jaren zal zijn. Andere gemeenten bewijzen dat het anders kan.
Wij zijn als partij geworteld in de stad. Ik kan niet beloven dat altijd alles lukt. Maar ik kan wel beloven dat D66, ook zonder mij, de stad zal dienen met oog voor de ruimte die mensen nodig hebben op straat, voor de klimaatopgave en voor de kansen van alle kinderen. Zo laat ik de Delftse gemeentepolitiek met gerust hart achter.