<p>Molen de Roos kleurt tot 10 december oranje om aandacht te vragen voor geweld tegen vrouwen en meisjes. Dit voor de jaarlijkse campagne Orange The World.&nbsp; (Foto: Koos Bommel&eacute;)</p>

Molen de Roos kleurt tot 10 december oranje om aandacht te vragen voor geweld tegen vrouwen en meisjes. Dit voor de jaarlijkse campagne Orange The World.  (Foto: Koos Bommelé)

‘Iedereen moet zich veilig voelen in eigen stad’

DELFT - Vrouwen zouden zich altijd en overal veilig moeten kunnen voelen op straat. Wat zij ook dragen, waar zij ook naartoe gaan, op elk moment van de dag. Helaas schort het daar nog weleens aan, ook in Delft. Diverse fracties pleiten er daarom voor dat Delft zich aansluit bij het project Safe Streets van UN Women, de vrouwenrechtenorganisatie van de Verenigde Naties.

Door Cheyenne Toetenel

In juni van dit jaar openbaarde Amnesty International dat 11 procent van de Nederlandse vrouwelijke en 1 procent van de mannelijke studenten tijdens hun studietijd is verkracht. Iets waar Ida de Boer van STIP enorm van is geschrokken. Samen met Hayri Yildiz van de PvdA besloot zij schriftelijke vragen aan het college te stellen over de cijfers in Delft en de rol van de gemeente in preventie en het bespreekbaar maken van seksueel misbruik. Deze vragen kwamen dinsdag terug in de commissie Economie, Financiën en Bestuur, waarbij werd gestuurd op aansluiting van de gemeente bij het Safe Streets initiatief. 

Topje van de ijsberg
Het aantal meldingen van zedendelicten in Delft daalde de afgelopen jaren van 16 in 2019, naar 9 vorig jaar en 6 meldingen in de eerste helft van dit jaar. “Maar we weten ook dat dit slechts een topje van de ijsberg is”, aldus wethouder Lennart Harpe. Slechts een zeer klein percentage (1 procent) van de slachtoffers doet daadwerkelijk aangifte. “Het is daarom aannemelijk dat het daadwerkelijke aantal zedendelicten in Delft hoger ligt dan de officiële data. Dus daar valt het nodige werk te verrichten.”

Er wordt momenteel al veel gedaan, stelt Harpe. Zo is er een samenwerking tussen het Centrum Seksueel Geweld en de GGD, waarbij wordt ingezet op preventie. De GGD organiseert ook #MeToo-bijeenkomsten op scholen om jongeren weerbaar te maken op het gebied van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Daarnaast wijst Harpe erop dat er een regionaal plan van aanpak komt dat aansluit op het landelijke programma ‘Geweld hoort nergens thuis. “Resultaat van dit alles moet zijn dat de weg naar hulpverlening voor slachtoffers van seksueel geweld makkelijker te vinden is en de aangiftebereidheid toeneemt.” 

Veilige omgeving
De Boer wijst op het belang van een veilige omgeving op straat en ziet het initiatief Safe Streets als iets wat hier sterk aan zou kunnen bijdragen. Gemeenten die zich bij dit initiatief aansluiten pakken in de openbare ruimte problemen rond veiligheid van vrouwen en meisjes aan. Dit gebeurt in samenwerking met diverse organisaties en vrouwen en meisjes zelf, bijvoorbeeld door  onderzoek, bewustwording creëren onder vrouwen en mannen, en maatregelen in de openbare ruimte. “Helaas voelen vrouwen zich niet altijd veilig op straat”, aldus De Boer. “Er is vaak sprake van seksuele intimidatie. Daarom lijkt het ons goed als de gemeente zich aan zou sluiten bij de Safe Streets van de UN. Hiermee geven we aan ons in te willen zetten tegen straatintimidatie, door enerzijds in te gaan op preventie en anderzijds de meldingsbereidheid te verhogen.”

Diverse fracties zijn het op dit vlak met De Boer eens, maar niet Hart voor Delft. “Weer iets ondertekenen, daar ben ik eigenlijk niet zo voor”, aldus Jan Peter de Wit. “Ik geloof niet zo in papieren maatregelen. We staan natuurlijk wel achter het principe dat de straat veilig moet zijn voor vrouwen, maar wij zoeken de oplossing meer in strafbaarstelling van seksuele intimidatie.”

Openbare ruimte
Wethouder Harpe uit zijn waardering voor Safe Streets, maar wijst ook op de problematiek rondom de beschikbare capaciteit en het budget van Delft. Het zijn van een Safe Streets gemeente moet passen bij de financiële situatie van de gemeente. Toch ziet Harpe mogelijkheden. “Je kan bijvoorbeeld denken aan een hele praktische invulling die in mijn beleving geen extra geld kost.” Een voorbeeld dat Harpe geeft is de plaatsing van verlichting. “Het zou weleens zo kunnen zijn als je net iets langer stilstaat bij de vraag wat een veilige invulling van de openbare verlichting is, je de lantaarnpaal niet links zet maar rechts. Of iets meer naar voren in plaats van naar achteren. Zo kan je met elkaar rekening houden met een veiliger straatbeeld en invulling geven aan de doelstellingen van Safe Streets.” Harpe zegt inhoudelijk goed te gaan kijken wat de gemeente wel en niet zou kunnen doen als de raad besluit om zich bij Safe Streets aan te sluiten. Hierover ontvangt de raad begin 2022 een brief.

Meer berichten
 
CustomHtml_1