Ook vanuit Delft vertrok menig schilder, beeldhouwer of edelsmid richting het zuiden.
Ook vanuit Delft vertrok menig schilder, beeldhouwer of edelsmid richting het zuiden.

Raadselen rond Grimani

Algemeen

Vanaf de zestiende eeuw trokken opvallend veel kunstenaars uit de Nederlanden naar Italië. In de kunstgeschiedenis wordt dat vaak aangeduid als een kunstreis naar Italië.

Door: Jeroen Stolk 

Dit was als het ware een vervolg op de opleiding die de kunstenaars hier al genoten hadden. In Italië wilde men de klassieke oudheid bestuderen, kennismaking met renaissance- en later barokkunst. Naast de bestudering van Italiaanse meesters en een tekenstudie naar antieke beelden en architectuur, hoopten de kunstenaars een netwerk van contacten op te bouwen. Ook het perspectief op het vinden van werk bij een hof of rijke opdrachtgever, zal in sommige gevallen meegespeeld hebben. 

Delft
Ook vanuit Delft vertrok menig schilder, beeldhouwer of edelsmid richting het zuiden. De goudsmeden Abel Willemsz. en Jacob Bylivelt, beeldhouwer Willem Tetrode en kunstschilders Anthonie van Blocklandt, Leonard Bramer, Huijbrecht Grimani en Pieter Cornelisz van Rijck zijn hier voorbeelden van. Zelden of nooit zullen zij de reis van honderden kilometers alleen afgelegd hebben. Van Abel Willemsz. is daar een gedetailleerd reisverslag bewaard gebleven. In Rome verenigden Noord- en Zuid-Nederlandse kunstenaars zich in een broederschap genaamd de Bentvuegels. In dat broederschap werd hen een bijnaam toegekend. Daarnaast kregen enkelen van hen een Italiaanse naam of bijnaam. Bramer, die tot de stroming van caravaggisten behoorden, werd Leonardo della notte genoemd door zijn nachtelijke taferelen in clair-obscur. De Delftse beeldhouwer Willem Tetrode stond bekend onder de naam Guglielmo Fiammingo en Abel Willems (telg uit het geslacht Kittesteyn) noemde men Abel di Delfe (Abel van Delft). Ook de Delftse kunstschilder Huijbrecht Jacobsz. kreeg een Italiaanse naam; Uberto Fiammingo, ofwel Huijbrecht de Vlaming. Veel noorderlingen werden als Vlaming bestempeld. In Venetië werkte hij voor de invloedrijke familie Grimani, waarschijnlijk aanvankelijk voor Giovanni Grimani en later mogelijk ook voor Marino Grimani.

Beloning voor diensten
In de kunstgeschiedenis wordt graag verhaald dat Huijbrecht Jacobsz. de naam Grimani van zijn tevreden werkgever kreeg, als beloning voor zijn diensten. Daar waag ik vraagtekens bij te plaatsen. Het was niet gebruikelijk dat families van aanzien hun naam lieten gebruiken door de gewone man. Ook niet als beloning. Waarschijnlijker is dat hij door zijn omgeving geduid werd als Uberto presso Grimani of Uberto, quello di Grimani hetgeen later verwerd tot Uberto Grimani. Dan is er ook nog zijn verblijf in Venetië waarvan gedacht wordt dat dit tot 1597 duurde. Delftse akten doen vermoeden dat hij in 1596 al in Delft verbleef toen hij zich verloofde met zijn Geertgen Graswinckel.

Mysterie
Er hangt sowieso een zweem van mysterie rond Grimani. Zo weten we niet wie zijn ouders waren. Zijn patroniem was Jacobsz., dus zal zijn vader Jacob geheten hebben. Huijbrecht moet uit een welgesteld gezin gekomen zijn, waardoor hij zijn opleiding kon genieten en zijn reizen ondernemen. Kunstschilder en schrijver Arnold Houbraken schreef over hem: “Hubertus Grimani, anders gezeit Hubrecht Jakobsz. geboren te Delf, was, in zyne Jeugt tot het reizen geneigt, hebbende wel negen of tien jaren te Venetien aan ‘t Hof doorgebragt…”, hetgeen impliceert dat Huijbrecht meer gereisd heeft dan naar Venetië alleen. Dit kan verklaren waarom er zo weinig over hem in de Delftse archivalia te vinden is.

Nader onderzoek is nodig om de raadselen rond Grimani, maar ook rond Abel Willemsz. en
Leonard Bramer op te lossen.