
Het Delftse geslacht Grijp
AlgemeenDoor: Jeroen Stolk
Het Delftse geslacht Grijp heeft adellijke wortels. De oudst bekende vermelding vinden we in in Utrecht. In 1434 duikt de naam op in Delft en zal tot de dag van vandaag aan deze stad verbonden blijven. Generaties lang behoorde het geslacht tot de plaatselijke klasse van patriciërs en bracht het onder andere goudsmeden, bierbrouwers, schepenen, burgemeesters een generaal van de Munt, kasteelheer, schout, en een procureur van het Hof van Holland voort. Eén van de meest bekende telgen uit dit geslacht was Rochus Grijp, zoon van een goudsmid. Zijn vader overleed toen Rochus nog jong was, waarna zijn moeder hertrouwde met een andere goudsmid; Jacob Mathijsz. Stolck, in wiens gezin hij opgroeide. Hier zal hij de beginselen hebben geleerd van de edelsmeedkunst, net als zijn halfbroer Doe Jacobsz. Stolck. Beiden zouden zij later een carrière kiezen bij de Munt van Dordrecht. Rochus bereikte daar de functie van en muntmeester en zelfs ‘Generaal van de Munt’ onder wiens auspiciën munten geslagen werden. Rochus huwde met goudsmidsdochter Anna van den Eynde. Het echtpaar werd gezegend met kinderen onder wie zoon Joost. In 1588 kocht deze Joost Grijp kasteel Valckensteyn dat gelegen was tussen Poortugaal en Rhoon. Dit slot werd gebouwd omstreeks 1305. Eenmaal eigenaar van het slot noemt hij zich Joost Grijph van Valckensteyn. In 1826/27 werd het kasteel afgebroken. Met betrekking tot de brouwnering vinden we al leden van dit geslacht in Groningen als lid van het brouwersgilde. In deze provincie zou het plaatje Grijpskerk zelfs gesticht zijn door een Claes Grijp. Ook in Delft was de familie Grijp als brouwer actief: Corstiaen Joppen Grijp en zijn zoon Lenaert Corstiaensz. Grijp (in brouwerij ‘de Hamer’). Evenals bij andere vooraanstaande geslachten in Delft, zoals van der Burch, Graswinckel, van Bleyswijck enz. verloor ook het geslacht Grijp haar macht, haar positie en haar status en raakte het langzaam in de vergetelheid. Toch vormt zij een onuitwisbaar stukje van de geschiedenis van Delft.







