
Nieuwe techniek geeft patiënten met vroege endeldarmkanker meer zekerheid
AlgemeenDankzij het bevolkingsonderzoek darmkanker worden afwijkingen in de darm steeds vaker in een vroeg stadium ontdekt. Dat merkt ook MDL-arts Sanne van der Wiel in het Reinier de Graaf ziekenhuis. “Vroeger zagen we patiënten vaak pas als er klachten waren. Dan was darmkanker soms al verder gevorderd. Nu treffen we juist vaker grote poliepen of heel vroege vormen van kanker aan.”
Voor die groep patiënten is er goed nieuws. Sinds kort past het ziekenhuis de zogeheten endoscopische submucosale dissectie (ESD) toe, een techniek die eerder al werd gebruikt in het Erasmus MC, waar Van der Wiel voor werd opgeleid. Met ESD kunnen grote poliepen in de endeldarm – groter dan twee centimeter – in één stuk worden verwijderd.
Dat is een belangrijk verschil met de oude methode. Daarbij werd een poliep met een soort lasso weggehaald, soms in meerdere delen. “Dan leverden we verschillende stukjes aan bij de patholoog. Die kon niet altijd goed beoordelen of alles weg was”, legt Van der Wiel uit. Bij 15 tot 20 procent van de grote poliepen blijkt al kanker te zitten, zonder dat dat aan de buitenkant zichtbaar is. Als achteraf niet zeker was of alles verwijderd was, volgden extra controles of zelfs een operatie.
Bij ESD brengt de arts via een dunne slang met camera de endeldarm in beeld. Vervolgens wordt vloeistof onder de poliep gespoten, waarna deze millimeter voor millimeter losgemaakt wordt van de onderlaag. Het is tijdrovend, maar levert veel duidelijkheid op. Doordat de poliep in één geheel wordt verwijderd en kan worden onderzocht, is de kans groot dat de behandeling direct afdoende is.
De benodigde apparatuur kon worden aangeschaft dankzij een donatie van Team Westland. “We zijn hen enorm dankbaar”, zegt Van der Wiel. “Voor veel patiënten betekent dit minder ingrijpende zorg, meer zekerheid en vaak geen reeks aan ingrijpende operaties of bestralingen. Dat is enorme winst.”