
'Delft is compact, compleet, maar nog niet af'
In september 2025 kreeg Delft een nieuwe burgemeester. Na jaren lokale én landelijke politiek, gevolgd door het algemeen directeurschap bij het CBR, streek
Alexander Pechtold neer in de stad waar hij werd geboren. Traditiegetrouw blikken we in de eerste krant van het nieuwe jaar met de burgemeester terug op het afgelopen jaar en kijken we vooruit. Hoe bevielen de eerste maanden? Wat viel op? En wat staat Delft te wachten in 2026?
Wie Alexander Pechtold vraagt waarom hij juist nu ‘ja’ zei tegen het burgemeesterschap van Delft, krijgt geen ingestudeerd carrièreverhaal. “Het was echt een samenloop van dingen”, vertelt hij. “Het burgemeesterschap stond helemaal niet meer op mijn netvlies. Bij het CBR dacht ik: zo’n zelfstandig bestuursorgaan, dat bevalt me eigenlijk wel. En praktisch: mijn vrouw werkt in Den Haag, dus dan ga je ook niet aan de andere kant van het land kijken.” Toen de vacature in Delft tussentijds vrijkwam, viel alles op zijn plek. “En eerlijk is eerlijk; er is weinig leukers dan dit. Ik noem het de hoofdprijs.” Dat hij niet de enige was die zo dacht, bleek wel uit het aantal gegadigden: 32 kandidaten. “Dat zegt iets over Delft. Toen ik eenmaal besloot ervoor te gaan, ben ik er ook volledig voor gegaan.”
Stad met reuring
Delft trok hem niet alleen vanwege de ligging. “Het is die unieke mix”, zegt Pechtold. “De verschillende doelgroepen door elkaar. Studenten, jonge ondernemers, inwoners. Dat zorgt voor reuring, bedrijvigheid en nieuwe ideeën.” Hij vertelt lachend over een opmerking die hij maakte in een interview met Delta, waarin hij zei dat je pas weet wat voor stad je bent als je je studentenpopulatie kwijtraakt. “Dan word je een soort Gouda. De burgemeester van Gouda belde me meteen”, grijnst hij. “Maar hij gaf me gelijk. Die studenten maken een stad echt anders.”
Geen schaap met vijf poten
Wat voor burgemeester hij wil zijn? “Ik vond de profielschets van Delft opvallend scherp”, zegt Pechtold. “Meestal lees je die en denk je: 'een schaap met vijf poten, dat bestaat niet.' Maar deze schets was helder. Een ervaren bestuurder, een netwerk en een beetje humor.” Over dat laatste laat hij het oordeel graag aan anderen, maar de eerste twee kon hij volmondig onderschrijven. De eerste maanden omschrijft hij met een knipoog als ‘Alex in Wonderland’. “Mensen dachten: hij is hier geboren, dus hij zal alles wel weten. Maar niks is minder waar. Ik wilde er juist onbevangen in gaan, zonder vooroordelen.” Dat gevoel van aftasten was er ook op Lichtjesavond. “Toen ik dat balkon op moest, dacht ik echt even: 'Oké, hoe wordt dit ontvangen?' Maar toen hoorde ik gejuich. Dat geeft energie. Ik ben ook maar een mens.”
Benaderbaar
Vooraf waren de meningen over zijn komst verdeeld. Pechtold weet dat hij voor velen vooral een ‘bekend gezicht van tv’ is. “Mensen kennen je uit een rol. Politiek is scherpte opzoeken, dat hoort erbij. Dan denken mensen dat ze je als persoon kennen, maar dat is niet zo.” Hij merkte dat dit voor sommigen een drempel was. “Er zijn mensen die me niks vonden en dat nog steeds vinden. Dat is oké.” Wat hem opvalt, is dat dat beeld langzaam verschuift. “Steeds vaker hoor ik: ‘Ik vind u eigenlijk heel benaderbaar.’ Dat had ik gehoopt, maar mensen moeten daar wel voor openstaan.” Ook bezoeken aan scholen, zoals basisschool De Horizon in Buitenhof, helpen daarbij. “Kinderen stellen de mooiste vragen. Dat is onbevangen en leuk.” Pechtold vergelijkt zichzelf niet met zijn voorganger Marja van Bijsterveldt, maar erkent haar sterke kanten. “Zichtbaar zijn, er zijn voor mensen die vastlopen in het systeem. Dat wil ik ook. Tegelijkertijd zeg ik er altijd bij; ik ben niet de alleskunner. Ik regel geen parkeervergunningen of dakkapellen.” Toch vindt hij het belangrijk soms door regels heen te breken. “Beleidsnota’s zijn prachtig, maar soms moet je denken: wat kunnen we voor deze meneer of mevrouw betekenen? Dan zie je ook dat niet alles wat we met goede bedoelingen bedenken, voor iedereen werkt.” Wat hem stoort, is het uitstelgedrag dat mensen vaak ervaren. “Het vervelendste antwoord is: ‘Ik zal er nog eens naar kijken.’ Nee zeggen is soms pijnlijk, maar wel eerlijk. Mensen willen duidelijkheid. Dan kunnen ze verder.” Volgens Pechtold vergroot vaagheid juist de afstand tot de overheid. “Dan denken mensen: wat zitten die bureaucraten daar nou te doen?”
Hoogtepunten
Op de vraag naar hoogtepunten hoeft Pechtold niet lang na te denken. “Het is eigenlijk een aaneenschakeling van leuke ontmoetingen.” Hij noemt jongerencentrum The Mall, waar hij met boa’s op pad was. “Die meiden die daar huiswerkbegeleiding doen en jongeren een plek bieden om te hangen, zo gedreven. En de koffie is fantastisch!” Ook de ontmoeting met vrijwilligers die al tientallen jaren een speeltuin draaiende houden, bleef hem bij. En natuurlijk Lichtjesavond. “Iedereen zei: dit is hét evenement van het jaar. En ze hadden gelijk. Het weer, de sfeer, de gesprekken... Het voelde als een warm welkom.”
Besturen met tempo
De samenwerking met gemeenteraad en college ervaart hij als prettig. “Mijn eerste raadsvergadering gaf meteen een goed gevoel. Ik had me fanatiek voorbereid op alle namen; er zitten wat tongbrekers tussen.” Hij gaat bewust met duo’s raadsleden van verschillende partijen op pad. “Zo leer je elkaar kennen buiten de politieke arena.” Zijn stijl is duidelijk: na praten moet er besloten worden. “Ik merk dat Delft soms nog een extra onderzoekje wil. Dan denk ik: we weten het nu toch?” Die lichte duw voorwaarts lijkt te worden gewaardeerd. “Vooralsnog heeft niemand gezegd dat ik te dwingend ben.”
Kansen benutten in 2026
Vooruitkijkend ziet Pechtold genoeg uitdagingen. Hij wijst op de landelijke stilstand: "Er is nauwelijks wetgeving geweest de afgelopen twee jaar. Gemeenten wachten op duidelijkheid over asielbeleid, stikstof, woningbouw. Ook lokale dossiers raken daaraan. Neem Museum Prinsenhof. Dat is nationaal erfgoed. Dan verbaast het me dat het Rijk zo aarzelend meedoet." Daarnaast maakt Pechtold zich zorgen over de combinatie van zorg en wonen. "Het idee dat mensen zo lang mogelijk in de wijk wonen is mooi, maar als het een verkapte bezuiniging wordt, schuiven problemen door. Dan komt het uiteindelijk bij politie en handhaving terecht. Dat kan niet de bedoeling zijn.” Toch overheerst optimisme. "Delft staat er goed voor. We moeten af van het idee dat er niks kon vanwege tekorten en de Spoorzone. Dat was zo, maar dat ligt achter ons. Nu moeten we weer kijken naar wat wél kan.” Zijn kernzin voor de stad: "Delft is compact, compleet, maar nog niet af.” Ook in 2026 blijft Pechtold zichtbaar. "Ik heb acht wijkwandelingen gedaan, volgend jaar wil ik dat thematischer doen: onderwijs, sport, maatschappelijke instellingen...” Hij weet dat hij mensen zal teleurstellen door niet overal bij te kunnen zijn. "Soms kan ik een dag drie keer vullen. Dat gaat gewoon niet.”
Weg met de korte lontjes
Tot slot een oproep voor de Delftenaren. “Het vuurwerkverbod komt eraan. Laten we daarmee ook de korte lontjes achter ons laten.” Hij ziet een samenleving waarin mensen steeds meer langs elkaar heen leven. “Iedereen in zijn eigen wereldje, oortjes in en koptelefoons op. Dat baart me zorgen.” Lichtjesavond liet volgens hem zien dat het anders kan. “Geduld, vriendelijkheid, samen zijn. Laten we dat gevoel het hele jaar vasthouden.”


