Pater Vrijmoed omstreeks 1929 aan het Scheveningse strand, staand uiterst rechts Annie Vink
Pater Vrijmoed omstreeks 1929 aan het Scheveningse strand, staand uiterst rechts Annie Vink

Een groot sociaal burger (1)

Door Jeroen Stolk

Het is er stil, misschien wel de meest stille plek van Delft. Toch ligt op loopafstand de drukke Papsouwselaan, de Voorhofdreef en winkelcentrum In de Hoven. In deze serene stilte, verscholen tussen het groen, rijst een grijze zuil op. Boven op deze zuil prijkt het borstbeeld van een oudere, ietwat kalende man met een zachtaardige, vriendelijke uitstraling. Op de sokkel is in strakke, zwarte letters zijn naam (Pater Dr. Vrijmoed), geboorte- en overlijdensjaar (1881-1963) en een tekst te lezen welke luidt: ”Groot sociaal burger voor de Delftse gemeenschap van 1914 tot 1948”. Een tekst waarvan geen woord teveel is gezegd. Germanus Jacobus Johannes Vrijmoed werd in 1881 geboren te Rotterdam. Vanaf 1914 woonde en werkte hij echter in Delft. Werk was er genoeg voor hem want er heerste grote armoede onder de bevolking van Delft. Pater Vrijmoed ging voortvarend te werk en hielp waar hij maar kon. Hij was zozeer met de Delftse bevolking begaan dat hij een begrip werd in Delft en door de Delftenaren op handen werd gedragen. Het was in de jaren dertig van de twintigste eeuw dat Willem Vink, hardwerkende vader van elf kinderen, de geestelijke op straat tegenkwam. Hij raakte met de pater in gesprek. Tijdens dit gesprek bemerkte Vrijmoed dat de schoenen van Willem tot op de zolen versleten waren. Desgevraagd liet Willem weten geen geld te hebben om zich een nieuw paar aan te schaffen. Pater Vrijmoed twijfelde geen moment, trok zijn beurs en gaf de man geld om daarvan een nieuw paar schoenen te kopen. Willem liet er geen gras over groeien, blij als een klein kind ging hij op pad, de pater keer op keer bedankend. Binnen de kortste keren had hij zich een nieuw paar schoenen laten aanmeten. Met zijn nieuwe aanwinst aan de voeten toog hij naar pater Vrijmoed om ze hem te tonen. Willem Vink zocht het resterende geld in zijn zakken om het de pater terug te geven. Vrijmoed wilde er niets van weten en sprak: 'Nee Vink, koop daar maar een borreltje voor.' Ook Annie Vink, een dochter van Willem, wilde geen kwaad woord over pater Vrijmoed horen. De pater, die gek was op kinderen, verwende hen wanneer hij maar kon. Annie werd door hem plagend Kees genoemd. Niet zelden dacht Annie stiekem "Ik wou dat jij mijn vader was”. Aan de Gasthuislaan bevond zich een snoepwinkeltje dat met enige regelmaat door de geestelijke werd bezocht. In zijn kielzog een groepje kinderen. Het kleine winkeltje was zo goed als vol wanneer het groepje zich naar binnen begaf. Pater Vrijmoed liet hen ieder voor tweeënhalve cent snoep uitzoeken. Het resultaat; blije kindergezichtjes, een gelukkige winkelier en een tevreden pater Vrijmoed. Eerder gepubliceerd in ‘Delft Anders Bekeken'.