
Delft streeft naar balans tussen bezoekers en bewoners
Delft pakt toerisme anders aan dan veel andere steden. In plaats dat alleen de gemeente of een toeristische instelling de koers bepaalt, wordt via het Platform Bezoekerseconomie Delft iedereen betrokken: bewoners, bedrijven, en culturele instellingen. Zij werken samen om de stad aantrekkelijk te houden voor zowel toeristen als inwoners. Het doel? Een stad waar toerisme hand in hand gaat met leefbaarheid.
Door Leonie Kapiteyn
Waar in de meeste plaatsen het toerismebeleid wordt bepaald door de gemeente of toeristische instellingen, is dat in Delft niet het geval. Sinds 2019 bestaat het Platform Bezoekerseconomie Delft. Daarin zijn alle partijen vertegenwoordigd die iets te maken hebben met de Delftse ‘bezoekerseconomie’, deze term wordt gebruikt om alle vormen van bezoek, waaronder toerisme, aan te duiden. Denk hierbij aan de horeca, de toeristische instellingen, de gemeente, de binnenstad, Marketing Delft, de TU, bewoners en bedrijven met een link naar de bezoekerseconomie. Elke partij is in het platform vertegenwoordigd door één persoon (behalve toeristische instellingen, die door twee personen worden vertegenwoordigd). De leden van het Platform komen vijf keer per jaar bijeen om met elkaar te praten over de bezoekerseconomie, grote projecten en om de onderlinge lijnen kort te houden.
Na de zware coronaperiode bracht het Platform in 2021 de ‘Visie Toerisme Delft 2030’ tot stand. Hierin staat beschreven hoe de komende jaren uitvoering gegeven zou moeten worden aan de bezoekerseconomie van Delft. De Visie is voorgelegd aan de gemeenteraad en daarmee is de Visie hét leidende document voor de te volgen koers op het gebied van toerisme.
Bewoners vertegenwoordigd
Dat ook de bewoners van Delft een stem hebben in het beleid is relatief nieuw, vertelt Henk Wijnen, vertegenwoordiger in het Platform Bezoekerseconomie namens de Delftse bewonersverenigingen. “Het is voor het eerst dat wij als bewoners worden meegenomen in het toerismebeleid. In het verleden was dat nooit zo, terwijl een dergelijk beleid wel van grote invloed is op de bewoners, zeker in de binnenstad. In plaats van reageren op wat er gebeurt, kunnen we nu meedenken en een bijdrage leveren. Zo wordt op ons initiatief de toilettoegankelijkheid in de binnenstad aangepakt. Dat maakt het voor mensen die buiten het centrum wonen aantrekkelijker om naar de binnenstad te komen. Zo ervaren we het voordeel om vertegenwoordigd te zijn in het Platform en hebben we inbreng.”
Michiel van der Schaaf, secretaris van het Platform en directeur van Delft Marketing, een marketingorganisatie die Delft nationaal en internationaal op de kaart zet, zegt hierover: “Het is cruciaal dat alle partijen betrokken worden bij de afspraken met betrekking tot de bezoekerseconomie. Een stad die prettig is voor de bewoners, is ook een prettige stad voor bezoekers. We zien de bewoners als ambassadeurs van Delft naar de bezoekers toe. Als Delftenaren blij en trots zijn op hun stad, dragen zij dat uit.”
Tevredenheidsonderzoek
De tevredenheid onder bewoners wordt gemonitord door de gemeente. Door het Delft Internet Panel (DIP) werd in 2022 gepolst wat de beleving van toerisme is onder Delftenaren. Daaruit bleek dat 73 procent van de inwoners zich door toerisme trots voelt om inwoner van Delft te zijn. Henk Wijnen bevestigt die positieve tendens onder bewoners, maar ziet ook ruimte voor verbetering: “Het klopt dat veel bewoners tevreden zijn met het huidige beleid. Bezoekers zorgen ook voor reuring in de stad, we zouden niet zonder ze willen. Toch is niet iedereen onverdeeld blij. Zo zien we steeds meer woonhuizen omgebouwd worden tot Airbnb’s. Dat geeft de nodige overlast en het is niet goed voor de stad als woonhuizen veranderen in dergelijke overnachtingsplaatsen. Bovendien is er in de binnenstad wat bewoners betreft nog winst te behalen op het gebied van (fiets)parkeren en de rommelige reclameborden.”
Toerisme heet nu bezoekerseconomie
Een aantal jaren geleden werd de term ‘toerisme’ ingeruild voor ‘bezoekerseconomie’. “De mensen die Delft komen bezoeken zijn vaak toeristen uit het buitenland, maar nog veel vaker zijn het mensen uit de regio en uit andere delen van Nederland. Om alle mensen die jaarlijks naar Delft komen goed te kunnen duiden, is besloten dat ‘bezoekerseconomie’ meer passend is dan toerisme” legt Van der Schaaf uit.
Ondanks de term, wordt er niet uitsluitend op een economische manier naar bezoekers gekeken stelt wethouder Duurzaamheid Werk en Inkomen en Economie, Maaike Zwart: “Bezoekers brengen meer dan alleen geld. Ze zorgen ervoor dat we ons trots kunnen voelen op onze stad. We laten graag aan de wereld zien hoe mooi Delft is en hoe bijzonder de geschiedenis is die erbij hoort.” Tegelijkertijd zijn bezoekers een essentieel onderdeel van de Delftse economie, Zwart legt uit: “Kijkend naar de economie van Delft hebben we drie belangrijke bronnen waar mensen hun geld mee verdienen. Dat zijn de middenstand, het ecosysteem van hightech maakbedrijven en de bezoekerseconomie. Dankzij de mensen die Delft komen bezoeken en hier geld uitgeven, hebben voorzieningen zoals horeca, winkels en musea extra bestaansrecht in de stad. Zonder bezoekers zou het aanbod kleiner zijn. Dat aanbod is fijn voor bezoekers, maar er wordt natuurlijk ook volop van geprofiteerd door de bewoners.”
Ook Van der Schaaf bevestigt het belang van bezoekers: “De bezoekerseconomie is belangrijk voor Delft want die zorgt voor inkomsten, voor voorzieningen, leefbaarheid en sociale cohesie. Uiteindelijk zijn de bezoekers een middel om tot een leefbare stad te komen. Een fijne stad voor bewoners, bedrijven en bezoekers is ons uitgangspunt.”
De ideale toerist
Of er een maximumaantal bezoekers is dat Delft aankan, is nooit gemeten. Toch wordt er wel ingezet op groei van de bezoekerseconomie, zij het in lichte vorm. “In lijn met de groei van de stad en we blijven monitoren of de balans blijft” aldus Zwart. Met alles wat Delft te bieden heeft, is de Prinsenstad een populaire stad voor bezoekers die zelfs in de top tien van meest bezochte steden van Nederland staat. Bestaat het risico dat massatoerisme ook Delft treft? “Als we er niets aan zouden doen, zouden we onder de voet gelopen worden door publiek waar we niet op zitten te wachten,” legt Michiel van der Schaaf uit, “maar we hebben een heel duidelijk beeld van de toerist die we graag naar Delft willen halen. Dat zijn mensen met een levensstijl die past bij de bewoners van Delft; daar hebben we immers een passend aanbod voor. We willen niet per se veel méér mensen naar Delft halen, maar we zetten er wel op in dat de mensen die hier al zijn, langer blijven. Groei van toerisme in groepsverband, zoals groepen die de stad kort komen bezoeken om vervolgens door te rijden naar bijvoorbeeld de Keukenhof, daar zetten we niet op in. We zijn een gastvrije stad en iedereen is welkom, maar we richten ons meer op individuele reizigers, jonge mensen, urban travelers. Die benadering doen we vooral in het laagseizoen, omdat bezoekers in het hoogseizoen (van april tot en met september) toch wel komen. Dan trekken we niet actief extra bezoekers aan. Buiten het hoogseizoen zien we een groeiend aantal bezoekers die vanwege een zakelijk motief naar Delft komen, bijvoorbeeld voor een congres en die dan vervolgens de stad bezoeken.”
“Destinatiemanagement”
Jaarlijks trekt Delft zo’n 600.000 bezoekers van buiten de stad. Op 110.000 inwoners is dat bijna zes keer meer bezoekers dan inwoners. Ter vergelijking; Amsterdam ontvangt jaarlijks meer dan 20 keer zoveel bezoekers als er inwoners zijn. Toch is het een flink aantal extra mensen om te verwerken voor het compacte Delft. Hoe zorg je er nu voor dat men geen last krijgt van grote aantallen bezoekers? “Dat doen we middels destinatiemanagement. Dat houdt in dat we de bezoekers proberen te spreiden in ruimte en tijd. De bussen laten we buiten het centrum parkeren, de bezoekersstromen beïnvloeden we door routes aan te bieden die een steeds groter gebied benutten. Zo hebben we dit jaar bijvoorbeeld de Hooikade opgeknapt, zodat de historische plek waar Johannes Vermeer zijn ‘Zicht op Delft’ schilderde nog aantrekkelijker is om te bezoeken. Dat is buiten de binnenstad.”
Wethouder Zwart ziet dat destinatiemanagement het gewenste effect heeft: "We zien dat het goed gaat. Als je door de stad loopt is het aangenaam druk. Er is nu een mooie balans en dat willen we graag zo houden.”
Grote projecten
Natuurlijk blijven er altijd verbeterpunten om de stad nóg gastvrijer en toegankelijker te maken voor iedereen. Zo wordt behalve betere toilettoegankelijkheid, ook gewerkt aan het verminderen van wegwerpplastic in de binnenstad. Geprobeerd wordt om horecagelegenheden in plaats van wegwerpplastic, een herbruikbare beker met een Delfts tintje te laten gebruiken, een ‘Echt Dellufs bakkie’. “Vrijwel alle horeca die koffie of thee to-go aanbiedt heeft zich hierbij al aangesloten. Het wordt vanuit de sector zelf bekostigd uit de toeristenbelasting, maar ook de Provincie is enthousiast en wil mogelijk investeren. We blijven altijd op zoek naar nieuwe manieren om Delft nóg mooier te maken” vertelt Van der Schaaf trots.
Tot zover dit stuk over wie het toerismebeleid bepaalt in Delft. In de Delft op Zondag van 5 oktober staat de vraag centraal wat het effect van toerisme is op het cultureel erfgoed in de stad.
Dit artikel is mede mogelijk gemaakt met financiële steun van het Mediafonds Delft.
