Hemd van het Lijf: Frederik H. Kreuger

Algemeen

Frederik H. Kreuger is auteur van ‘De fabriek, kroniek van een ingenieur’. Het boek ligt sinds afgelopen week in de Delftse boekhandels en is te koop voor 15 euro. De in Amsterdam geboren Delftenaar is oud-directeur van de Kabelfabriek.

1. Waarom wilde u graag thuis, in uw werkkamer, worden gefotografeerd?
In deze kamer komt veel van wat ik doe tot stand. Ik schrijf hier mijn boeken en ik bereid hier lezingen voor. Verder ben ik al 35 jaar manager en violist van het zigeunerorkest Siperkov. Op deze kamer speel en studeer ik ook viool en regel ik de concerten.

2. Waar gaat uw boek ‘De fabriek, kroniek van een ingenieur’ over?
Ik heb mijn belevenissen bij de Delftse Kabelfabriek beschreven. Het is een beschrijving van een paternalistische samenleving binnen de Kabelfabriek waarin wij, jonge ingenieurs, op kwajongensachtige wijze onderzoek deden. Dat ging toentertijd veel speelser dan nu. Nog niets geen gedoe met budgetten en strakke regels waar we ons aan moesten houden. Dat leidde tot creatief onderzoek, maar ook tot resultaat. Uiteraard maakten we ook vergissingen, die beschrijf ik ook. Ik spaar mezelf en toenmalige collega’s niet. Wel heb ik voor alle personages in het boek een pseudoniem bedacht. Daarnaast bevat het boek veel anekdotes, zoals het bezoek van Koningin Juliana en de opening van het hoogspanningslab.

3 Waarom heeft u het boek geschreven?
Ik houd van schrijven. Ik heb bijvoorbeeld al zeven schelmenromans geschreven, een boek over de leiding en misleiding van research en over de geschiedenis van de techniek in Nederland. Het leek me leuk en interessant om een boek over mijn belevenissen binnen de Kabelfabriek te schrijven.

4. Wat heeft u met de Kabelfabriek?
Ik heb daar totaal zo’n dertig jaar met zeer veel plezier gewerkt. Ik ben daar ooit als jonge ingenieur binnen gekomen. Ik deed onderzoek naar een nieuw type elektrische kabels en kabels voor hogere spanningen. Later ben ik hoofd Research geworden en nog weer later directeur. Ik gaf leiding aan zo’n 2400 medewerkers. Tegenwoordig werken er nog ongeveer 300 mensen.

5. Heeft u nog contact met oud-collega’s?
Collega’s waar ik mee heb gewerkt, zijn inmiddels allemaal met pensioen. Sommigen kom ik nog wel eens ergens tegen. Ik heb nog heel lang na mijn pensioen contact gehad met de directie, maar de huidige directie ken ik niet. Dat is ook goed en gezond, je moet ook kunnen loslaten. En bovendien wil ik ze ook niet voor de voeten lopen.

6. Voor wie is uw boek interessant?
Voor een vrij breed publiek, het is een makkelijk leesbaar boek. En vooral voor degenen die zelf in een industriële omgeving werken kan het interessant zijn om te lezen. Met name ook omdat het van binnenuit is geschreven. Het zijn mijn eigen ervaringen als ingenieur, onderzoeker, hoofd Research en directeur. Hoe heb ik het beleefd en hoe heeft het mij beroerd? Dat kom je in de literatuur niet zo vaak tegen.

7. Wat doet u tegenwoordig, behalve boeken schrijven?
Ik geef lezingen over diverse onderwerpen, zoals over de beroemde meestervervalser Han van Meegeren. Ik verzamel al heel lang gegevens over hem en ik heb zelfs informatie die verder bij niemand bekend is. Verder geef ik lezingen, bijvoorbeeld over de geschiedenis van de techniek en over het ‘Straatje van Vermeer’. En daarnaast treed ik zo’n 30 tot 40 keer per jaar op met het zigeunerorkest.

8. Waar gaat een eventueel volgend boek over?
Dat moet ik nog bezien. Dit boek ligt nu net in de boekhandel en verder ben ik nog bezig met de afronding van de studie naar Van Meegeren. Wellicht een boek over de TU. Daar heb tien jaar als hoogleraar gewerkt.

9. Wat was voor u het boek van 2008 en waarom?
Ik lees zeer veel, maar vaak oude boeken. Onlangs heb ik bijvoorbeeld ‘Het woeden der gehele wereld’ van Maarten ’t Hart herlezen. Prachtig. Een ander boek wat onlangs veel indruk op me maakte is ‘The Island at the Center of the World’. Dat boek geeft nieuwe inzichten over de relatie en de invloed van Nieuw Amsterdam op het ontstaan van New York.

10. Als ik burgemeester van Delft was, dan…
… zou ik een diepgaand onderzoek instellen naar de nieuwbouw op de Boterbrug. Het is best een leuk gebouw voor een nieuwbouwwijk, maar niet op deze prachtige, Middeleeuwse en historische plek. Die helwitte garagedeuren en balkons, ik begrijp niet dat hier vergunning voor is verleend en hoe dit in godsnaam heeft kunnen gebeuren. Als ik burgemeester zou zijn, zou ik dit direct aankaarten, zou ik willen weten wie de schuldigen in deze zijn en het proberen terug te draaien. (MdB)

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12