Jan Brouwer, van ABF Cultuur: levenslang onderzoeker, permanent nieuwsgierig

DELFT – "Ik ben onderzoeker. Dat ben ik m'n leven lang al. Ik ben permanent nieuwsgierig". Dat zegt Jan Brouwer, van ABF Cultuur.

'ABF Cultuur', zo lezen we op de website van ABF Cultuur, 'is in 2007 opgericht en komt voort uit ABF Research. Het doel van ABF Cultuur is het verrichten van onderzoek, advies en projectvoorbereiding op het gebied van kunst, cultuur en creatieve industrie. Het doel van onderzoek en advies is het versterken van de sector cultuur via kennisoverdracht, informatie-uitwisseling, fondsenwerving en idee-ontwikkeling. Het doel van projectvoorbereiding is goede ideeën ook helpen te verwezenlijken. Bevordering van kwaliteit, cultureel ondernemerschap en verbindingen maken met andere sectoren staan bij de projecten voorop'. 

Zo, het is handig als u dat even weet voordat we praten met Jan Brouwer (60), drijvende kracht achter ABF Cultuur. Geboren in Zwartsluis. Via Surhuisterveen, Meppel en Leeuwarden in Delft beland. Gestudeerd in Enschede. Natuur- en Wiskunde, aan de Universiteit Twente. Hij werkt ook als leraar Wis- en Natuurkunde. Maar niet uit roeping. En niet langer dan een half jaar. "Ik wilde 's kijken hoe dat ging. Het was een goeie ervaring. Ik was ook wel geschikt als leraar. Het belangrijkste is dat je goed met jeugd kan opschieten. Het moet van twee kanten gelijk goed zitten. Mijn grote bezwaar was dat het éénrichtingsverkeer is. Je wordt als het ware leeggezogen. Maar je wordt qua kennis geen spat wijzer". 

Hij werkt, in Groningen, ook in het Academisch Ziekenhuis. "Longfunctie-onderzoek. Longemfyseem, cara, bronchitis. Patiënten gingen door de meters. Samen met de doktoren deed ik de analyses. Daar kwamen diagnoses uit. En medicaties. Het was eigenlijk kleinschalig bevolkingsonderzoek". Wat hem vooral is bijgebleven: "Het effect van roken, dat was wel een eye-opener. Als je het aantal rookjaren van iemand weet, kan je heel nauwkeurig zeggen hoeveel longfunctie zo iemand verliest. Dat is een bijna rechte lijn". Het onderwerp boeit hem, de medische wereld minder. "Het is een redelijk gesloten wereld. Ik ben helemaal geen medicus. Dan hoor je er eigenlijk niet bij. We schreven artikelen in allerlei medische tijdschriften. Maar er was altijd gedoe over wie van de auteurs bovenaan moest staan. Werd er besloten de namen in alfabetische volgorde te zetten. Dan stond ik bovenaan, maar ik was geen dokter. Dat was toch wel een groot probleem". 

Brouwer blijkt er niet vies van te zijn van baan te veranderen. Integendeel. "Als je jong bent, moet je veel variëren. Je moet jobhoppen. Zien wat je leuk vindt en waar je blijft hangen. Als je jong bent, hop je nog makkelijk. Je moet ontdekken waar je talenten liggen en waar je die het leukst kan inzetten. Als je jong bent, zie je dat al vrij snel". 

-Over jong gesproken: hoe was jij toen je een knulletje was?
"Ik deed spelletjes op straat. Vliegeren, knikkeren, voetballen. Ik ben wel een spelletjesman. Ik wist wèl wat ik wilde studeren. Ik ben wel een nieuwsgierig type. Ik heb toen voor Wiskunde gekozen, omdat dat me wel een handig hulpmiddel leek. Kon ik me altijd nog bekwamen in andere zaken. Wat ik ook gedaan heb". 

Brouwer werkt, later, bij het Ministerie van VROM. "Een totaal andere move. Ik was geïnteresseerd in politiek. Bij zo'n ministerie zit je in het hart van de politiek. En in de ruimtelijke inrichting van het land. Hoe functioneren processen? Wie heeft daar de hand in? En op welke manier? Maar ook: hoe werkt de politiek? Ik ben als medewerker vaak in de Tweede Kamer geweest. Ik ben hoofd van de afdeling Onderzoek bij VROM geweest. Dat was allemaal heel leerzaam. Veel mensen geven af op Den Haag. Maar het is heel effectief hoe ze kwesties afhandelen. Er wordt op lagere niveaus, dat van Provincies en Gemeenten, veel minder oplossingsgericht en to the point gewerkt. Het politieke debat, dat is logisch, is professioneler en bedrijfsmatiger. Alleen al omdat er veel meer druk van buitenaf is, moet het wel efficiënter". 

Hij houdt het een jaar of negen vol als ambtenaar. "Ik heb er veel geleerd, bij het ministerie. Het is een focuspunt voor veel partijen: de bouwwereld, de woningbouwcorporaties, de gemeenten, de milieuwereld, de bewonersorganisaties. Je krijgt snel in- en overzicht hoe de hazen lopen".

'DAN DENK IK: DIT WETEN WE NU, VOLGENDE'
Brouwer begint voor zichzelf. Een bewuste stap. Al benadrukt hij nog eens dat hij veel heeft geleerd, bij het ministerie. En die negen jaar lijkt nogal lang voor een jobhopper, maar: "Binnen het ministerie ben ik ook een keer of drie veranderd. Ik heb onder andere bouwprognoses gedaan. En financiering en subsidiëring van de volkshuisvesting. Maar de tempowisseling van de onderwerpen lag me niet hoog genoeg. Ik dacht: als het niet anders kan, begin ik voor mezelf". 

-Moet je, als je iets doet, er ook altijd wat van leren?
"Absoluut. Anders doe ik het niet. Maar het is wel altijd geven en nemen. Als je alleen maar denkt: hier is wat te halen, dat is niet goed. Hoe meer je opneemt tijdens de rit, hoe meer je kan geven". 

Het wordt ABF Research. Een Delfts onderzoeksbureau dat inmiddels zo'n vijftig medewerkers telt. "Ik ben alleen begonnen". Weer voor een goed begrip, deze keer dankzij de website van ABF Research: 'ABF Research ondersteunt besluitvorming met informatie, onderzoek en advies op het terrein van Demografie en Wonen, Ruimte en Economie en Zorg en Voorzieningen. Wij zijn experts op het gebied van gegevensverzameling, software-ontwikkeling, onderzoek en advies'. En alsof dat nog niet mooi genoeg is: 'We bieden klanten informatie over tal van onderwerpen, maken processen inzichtelijk in de vorm van prognoses, informatiesystemen en databestanden'. Brouwer: "ABF Research is gegroeid. Misschien niet zo spectaculair, maar wel gestaag. We verdienden het vooral met toekomstverkenningen". 

Hij wil niet direct spreken van een gat in de markt, hoewel: "In ons land heb je Planbureaus. Die doen dat werk voor de ministeries. Verder heb je een paar bureaus die dat doen voor de rest van de instellingen. ABF is zo'n bureau". Dat ABF Research zo groot gegroeid is geeft, weet hij, 'heel veel mensen houvast en structuur'. Veel mensen hebben graag zekerheid. Maar: "Bij mij duurt dat maar even. Dan denk ik: Dit weten we nu, volgende". Zo wil Brouwer dus weten of hij dat kan waarmaken, voor zichzelf beginnen. "Een collega van VROM was al eerder voor zichzelf begonnen. Toen we allebei het gevoel hadden: we kunnen het wel, toen zijn we gaan samenwerken". 

ABF Research, het is niet direct een naam die bij menigeen een reactie van 'o ja' teweeg brengt. "De meeste mensen kennen ons niet, maar onze uitkomsten wèl. Veel instellingen en gemeenten maken gebruik van onze informatie over zaken als de zorg, de bevolkingsgroei en de woningbehoefte". 

Brouwer snijdt in dit verband het fenomeen 'schaalvergroting' aan. Zegt er maar gelijk bij dat hij daar geen voorstander van is. "We zien in ons land in de laatste dertig jaar enorme schaalvergrotingen in onze voorzieningen. In het onderwijs, in de zorg, in de woningbouwvoorzieningen, het geldt voor alle branches. Als je de schaal vergroot, is het veel moeilijker zicht te krijgen op het geheel. Ik hoef jou niet te vertellen hoe je naar huis kunt of wat je morgen gaat doen. Maar als je heel groot bent, is het veel moeilijker te overzien in welke context je werkt en welke veranderingen daarin optreden. Wij, van ABF Research, zijn als het ware de zintuigen van de grote instellingen. Een voorbeeldje. Hoe kan je huursubsidie invoeren als je geen idee hebt hoeveel huurwoningen er zijn, wat de mensen verdienen, wat de mutatiegraad in die verdiensten en in de huursector is? Dan is huursubsidie een onbeheersbaar instrument. Daar ons werk kan je beslissingen nemen op voldoende degelijke basis".

'MENSEN KRUIPEN WEER MEER BIJ ELKAAR'
Jan Brouwer is nu van ABF Cultuur. "Ik ben onderzoeker. Dat ben ik m'n leven lang al. Ik ben permanent nieuwsgierig. Bij ABF Research was ik ook parttime manager, dat deed ik erbij. Maar ik ben altijd onderzoek blijven doen. Gelukkig kon ik het grootste deel van m'n aandelen verkopen, anders had ik dat managen ook moeten blijven doen". 

-Werk jij toch het liefst in je uppie?
"Nee. De projecten die ik nu doe, doe ik met anderen. Zo ga ik een project doen voor gemeentelijke groeikernen, New Towns. Dan gaat het over Almere, Haarlemmermeer, Zoetermeer, Spijkenisse, Purmerend, Ede ook. Allemaal geplande steden. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de mensen daar zelfstandig dingen gaan ondernemen en doen? Hoe komen we tot een systeem waarin mensen met zelf bedachte onderwerpen aan de gang gaan? Dat project doen we samen met de Stichting Experimenten Volkshuisvesting. Het is precies het tegenovergestelde van wat we met ABF Research doen. Het heeft er mee te maken dat de mensen steeds individualistischer en afhankelijker worden. Maar zowel de groei van de omvang van de dienstverlening als die van de individualisering loopt op z'n eind. Qua kosten en mogelijkheden zijn de grenzen bereikt. Al die schandalen, ik kan er een hele serie opnoemen, dat komt volgens mij omdat de grenzen bereikt zijn. Dankzij die enorm gegroeide dienstverleners kunnen mensen individueel functioneren. Maar alle onderzoeken die ik onder ogen krijg laten zien dat de individualisering op z'n eind loopt. Kinderen blijven langer thuis wonen, er zijn minder echtscheidingen, in Amsterdam neemt het aantal bewoners per woning weer toe. Mensen kruipen weer meer bij elkaar. De wal keert het schip. In je eentje functioneren, dat is niet meer te betalen. De instellingen die dat moeten faciliteren, lopen tegen hun grenzen aan. We moeten op zoek naar een nieuw wij-gevoel. Een mooi voorbeeld is de sport. Verenigingen hebben het moeilijk, de individuele sporten - golfen, squashen, tennissen - doen het goed. We moeten volgens mij op zoek naar nieuwe bindmiddelen. De oude bindmiddelen - de kerken, de woningbouwverenigingen, de vakbonden - hebben het moeilijk". 

"We moeten toewerken naar een cultuuromslag. ABF Cultuur, daarbij zie ik cultuur als de verzamelaar en kunst als het onderzoeksmiddel". Hij noemt het project Cultuur in de wijk. "Wij willen alles steunen, maar het initiatief moet van de burgers komen. Dat zou ook in Delft moeten gebeuren. We doen alleen wat als de mensen het willen. En als ze met een goed voorstel komen". 

Hij vergelijkt ABF Research en ABF Cultuur. "Bij ABF Research is onderzoek doen zien hoe het werkt, maar niet hoe het zou kunnen werken. Dat doen we bij ABF Cultuur. En daar is kunst het ideale middel voor. Kijk in Delft maar naar bijvoorbeeld de Metamorfose in Poptahof".

'EEN ONDERZOEKER IS WEL IEMAND VAN DE FEITEN'
"Dat is het mooie van af en toe een crisis", weet ook Brouwer dat elk nadeel z'n voordeel heeft."Zo'n crisis is natuurlijk heel vervelend. Je kunt je ertegen wapenen door je klein te maken en door te bezuinigen. Maar je kan ook op zoek gaan naar nieuwe waarden. Daar moet je mee om leren gaan. Als hele flats leeg komen te staan, kan je zeggen: Ik breek ze af. Maar je kan ook zeggen: Laten we 's heel andere groepen een kans geven en kijken hoe dat functioneert. Kunst, dat is eigenlijk op zoek gaan naar waarden, naar ideeën. Het hoeft niet veel te kosten, het is een vrij goedkoop middel. Heel veel partijen moeten nu bezuinigen. Dat geldt voor al die grote bureaucratieën. We moeten op zoek naar nieuwe wegen om te overleven. Je kan zeggen: We bezuinigen net zo lang tot de bodem is bereikt, maar ook: We zoeken naar nieuwe vormen van functioneren. Al moet ik er wel bij zeggen dat lang niet alle kunst daar geschikt voor is. Veel kunst is toch vermaak, terwijl het een nieuwe wending, een nieuw gevoel zou moeten zijn. Het is voor twee kanten leren: voor de opdrachtgever en voor de kunstensector". 

Het zal niet meevallen, weet ook Brouwer. "De boerenlul die direct resultaat wil in een omgeving waar het moeilijk is resultaat te halen, die krijgt het heel lastig". Praktische projecten en abstracte verhalen over hoe het werkt en waarom, "je moet het volgens mij allebei doen. Met alleen praktische projecten is het heel moeilijk om op abstract niveau veranderingen te bewerkstelligen". HYPO de Kunstsuper, het is een voorbeeld zo'n praktisch Delfts project. Waar een realistische gedachte achter zit, benadrukt Brouwer. 

"Niks vaag gelul. Het is concreet, er zit een soort concept achter. We hebben in Delft vrij veel kunstenaars. Een deel van hen is gearriveerd. Komt ermee aan z'n brood. Het grootste deel nièt. Voor hen beginnen we die Kunstsuper. Laagdrempelig. Met ook als doel het zelforganiserend vermogen van de kunstenaars te vergroten. En het wij-gevoel. Het idee achter de Kunstsuper is prima, daar ben ik van overtuigd". 

-Ben jij een typische idealist?
"Dat is overdreven. Een onderzoeker is wèl iemand van de feiten. Diep in m'n hart is mijn ideaal het vergroten van kennis, méér dan het streven naar een betere wereld. Daar ben ik vrij nuchter in. Ik ben wèl blij dat ik werk met enthousiastelingen. Ik heb in de zorg gewerkt, dat zijn zorgelijke types. in de woningbouw, dat zijn regelneven. In de cultuur zijn het meer dromers. Ronald Waterman, maar het komt volgens mij van Herman Finkers, zei altijd: Wie niet droomt, is geen realist". (PB)

Download de laatste krant!

Energieweg 3
2627 AP Delft

T: 015 - 214 39 12

Meer berichten
 
CustomHtml_1