Delft niet echt duur, maar ook niet echt goedkoop met belastingen voor ondernemers
De lokale lasten voor bedrijven in de stad Delft, hier gefotografeerd vanaf het Hotel Delft Centre, zijn redelijk hoog.
DELFT – Ook ondernemers betalen belasting, dat is logisch. Maar hoevéél ze moeten betalen verschilt flink per Gemeente. De Kamer van Koophandel Den Haag berekende hoeveel dat verschil voor achttien verschillende soorten bedrijven in 27 gemeenten in Haaglanden.
Daaruit blijkt dat Delft voor ondernemers niet de duurste, maar zeker ook niet de goedkoopste stad is om te ondernemen. De Haagse Kamer van Koophandel berekende voor achttien ‘modelbedrijven’ de lokale lasten, zoals voor een supermarkt, een klein en een groot kantoor, een café en een metaalbedrijf. Hieruit bleek dat de lokale lasten in Rijnwoude en Leiden voor de meeste typen bedrijven het hoogst zijn. In de Gemeente Noordwijk zijn ondernemers over het algemeen het goedkoopst uit. Ook in Delft zijn de lasten niet mis. Bij de meeste bedrijfssoorten staat Delft in de top 10 van duurste gemeenten. Daar komt nog eens bij dat de Waterschapsbelasting die ondernemers in Delft aan het Hoogheemraadschap van Delfland moeten betalen hoger is dan in gemeente die bijvoorbeeld onder het Hoogheemraadschap van Rijnland vallen. In het onderzoek is nagegaan hoeveel een gemiddeld bedrijf aan gemeentelijke heffingen, zoals Onroerende Zaak- en Rioolbelasting betalen en hoeveel ze in totaal kwijt zijn aan Waterschapsbelasting.
In het geval van een camping bedraagt het totale aantal gemeentelijke heffingen 10.288 euro plus 11.130 aan Waterschapsbelasting. Dat is heel wat meer dan wat een campinghouder in Noordwijk aan belasting betaalt. Daar zijn ze ‘slechts’ 4.198 aan gemeentelijke belastingen en 7.368 aan Waterschapsbelasting kwijt. Als je het zo bekijkt is Pim Meijkamp, de campinghouder van Camping De Delftse Hout, dus bijna twee keer zo veel aan lokale lasten kwijt als zijn collega’s in Noordwijk. “Delft is nu een stad voor dagjesmensen”, zegt hij. “We willen graag dat mensen langer in onze stad blijven. Als we onszelf op deze manier buiten de boot plaatsen, maken we onszelf te duur.” Meijkamp wist al dat Delft een relatief dure stad is om te ondernemen, maar hij schrikt toch van de precieze cijfers. Hij vindt het bovendien niet logisch dat je in een stad als Delft meer kwijt bent aan lokale lasten dan in andere gemeenten. “Ik zou niet weten waarom dat logisch is, ik vind dat het hier juist minder hoog zou moeten zijn.” Meijkamp wil graag weten waaróm Delft tot de duurdere gemeenten behoort. “Ik hou het erop dat het komt omdat ze hier inefficiënter werken dan in andere gemeenten.” De Delftse campinghouder merkt op dat de grondprijzen in het westen al een stuk hoger zijn dan in de rest van het land. “Als de andere lasten dan ook nog eens hoger zijn, komen we in een lastig parket. Dat zou niet moeten kunnen. De Gemeente mag mij vertellen waarom dit zo is. Ik weet wèl dat het slecht is voor onze concurrentiepositie, want we moeten hierdoor meer vragen dan iemand die ergens anders in Nederland een camping heeft. Ik word hier heel erg verdrietig van.”
Serieus aankaarten
Ook MKB Delft-voorzitter Michiel Kraaijeveld wordt - als hij de Lokale Lasten Monitor erbij pakt - niet vrolijk van de cijfers. “Ik wil dit namens MKB Delft gaan inbrengen bij de Delftse Sociaal-Economische Raad”, reageert Kraaijeveld. En: “We moeten dit serieus aankaarten met de Wethouder van Economische Zaken en kijken wat hij ervan vindt. Ik wil graag weten waarom we meer moeten betalen dan andere gemeenten.” Als Kraaijeveld daar een logische verklaring voor krijgt, wil hij graag wat meer betalen. “Maar zo’n verklaring is er nu nog niet.” De cijfers spreken volgens de MKB Delft-voorzitter voor zich. “De lastendruk is hier niet exceptioneel hoog, maar wèl aan de hoge kant. Je ziet dat Delft in de hoogste categorie zit. Als het wat de lastendruk betreft minder kan, zou dat mooi zijn.” Dat wordt, beseft Kraaijeveld, lastig. “Want Delft heeft geld nodig. Maar ik vind dit onderzoek wel een serieus punt dat we mee moeten nemen in gesprekken met de Gemeente.”
De Kamer van Koophandel heeft ook per gemeente bekeken wat garagebedrijven in de 27 verschillende gemeenten in Haaglanden aan belastingen verschuldigd zijn. Deze bedrijven betalen in Delft 1.453 euro aan gemeentelijke belastingen en 1.926 euro aan Waterschapsbelasting. Ook hier springt Noordwijk er met 793 euro gemeentelijke heffingen en 1.274 euro aan Waterschapsbelasting als de goedkoopste gemeente uit. “We weten dat Delft relatief duur is, dan zal het voor bedrijven ook wel duurder zijn”, reageert Guy van Hoek van Ardea Auto Delft op de cijfers. “De Gemeente Delft heeft zich ook redelijk hard opgesteld bij het taxeren van panden en ze zijn best streng wat reclamedingen betreft. Ze zitten in Delft bovenop de centen.” Toch vindt Van Hoek Delft geen vervelende stad om te wonen. “En ook als ondernemer ben ik niet ontevreden over de Gemeente Delft. Aan de bereikbaarheid van de stad wordt gewerkt en het is fantastisch dat die Spoortunnel er komt. Dat Delft qua lasten bovenin zit verbaast me niet, maar ik vind niet dat Delft tè duur is.” Wie de volledige Lokale Lasten Monitor 2010 wil inzien, kan die vinden op www.kvk.nl/lokalelasten. (JN)
Geen top 10
De Haagse Kamer van Koophandel ontleent aan het onderzoek geen algemene top 10. Wie de cijfers erbij pakt, ziet echter al in één oogopslag welke gemeenten wat de gemeentelijke lasten betreft duur zijn en welke niet. Zo zijn er voor bedrijven in de categorie ‘Kleine zelfstandige’, het meest voorkomende type bedrijf, maar vijf gemeenten waar ondernemers meer gemeentelijke belastingen moeten ophoesten dan in Delft. Maar Delft zit met euro aan gemeentelijke heffingen 1188 euro wèl 174 euro boven het gemiddelde. Ook in de categorie ‘Middelgrote winkel’ zijn er voor ondernemers maar vijf duurdere steden dan Delft waar de totale gemeentelijke heffingen met 2.440 euro precies 375 euro boven het gemiddelde liggen. Voor een supermarkt geldt dat die in Delft 6.085 euro aan gemeentelijke belastingen kwijt is, 824 euro meer dan gemiddeld. In zes van de 27 onderzochte gemeenten betaalt een supermarkt-ondernemer meer dan in Delft. Delftse hoteliers zijn volgens het onderzoek 10.614 euro kwijt, dat is 1.668 euro meer dan het gemiddelde. Er zijn acht gemeenten waar hoteleigenaren méér kwijt zijn aan gemeentelijke heffingen dan in Delft.













