De stamgasten van Café De Nieuwe Prins zien een Nachtburgemeester wel zitten
Angela Wensveen, Tom Paris en Arie Alleblas hebben zich nog niet zo met de Nachtburgemeester-verkiezingen beziggehouden, maar ze vinden het zeker geen slecht idee, zo vertellen ze in Café De Nieuwe Prins. (foto: Jesper Neeleman)
DELFT – Een aantal steden hebben al een Nachtburgemeester, maar Delft nog niet. Daar moet, als het aan de krant Delft op Zondag ligt, dit jaar verandering in komen.
Wat vinden de stamgasten van Delftse cafés ervan dat er initiatieven worden ontplooid om Delft aan een Nachtburgemeester te helpen? Deze week zijn het de vaste klanten van Café De Nieuwe Prins die laten weten hoe ze erover denken.
Hier zijn we maandag in gesprek in met de stamgasten van het café aan het Oosteinde 1. Ze vinden een Nachtburgemeester-verkiezing op zich een goed idee. “Het moet alleen wel iemand zijn die voor ons open staat”, vindt Angela Wensveen. Vaste klant Tom Paris, die speciaal voor de gelegenheid bij z’n kaarttafel vandaan is getrokken, vindt het leuk als Delft een Nachtburgemeester à la Jules Deelder krijgt, maar niet iedere Delftenaar zou voor het ambt van Nachtburgemeester geschikt zijn, merkt hij op. Arie Alleblas vindt het een goed plan. “Maar de man of vrouw die het wordt moet de functie wèl serieus aanpakken”, voegt hij eraan toe.
- Waar moet een Nachtburgemeester zich volgens jullie mee bezighouden?
Paris: “Het moet een schakel of een soort tussenpersoon zijn tussen de horeca en de Gemeente.”
Alleblas: “Iemand die tegen mensen van de Gemeente zegt: ‘Ga ook eens ’s nachts een biertje halen’, zodat ze zien hoe het echt is.”
Wensveen: “Er moet in Delft voor elke leeftijdscategorie iets te doen zijn. In Delft is dat niet zo, daardoor krijg je hangjongeren die zich ophouden. Zo’n Nachtburgemeester kan met hen in gesprek over wat ze willen.”
- Zijn er ook op het gebied van veiligheid nog dingen die in Delft beter kunnen?
Wensveen: “Bepaalde straten vind ik niet al te veilig. Ik loop liever niet ’s nachts door de Kromstraat. Er is de afgelopen jaren al veel aan gedaan, maar de Kromstraat kan, denk ik, nog steeds wel wat extra aandacht gebruiken. Gisteren liep het na de WK-finale trouwens nog uit de hand op de Markt. Erg jammer.”
Alleblas: “In de cafés zelf is minder narigheid dan vroeger. Het heeft zich verplaatst naar buiten op straat, daar wordt meer gevochten dan binnen. Dat is ook een aandachtspunt.”
- Zien jullie zo’n verkiezing voor een Nachtburgemeester meer als geinige flauwekul, of zou zo iemand wel degelijk iets kunnen betekenen?
Wensveen: “Hij of zij moet er wel achter staan wat ‘ie doet en proberen de beloftes waar te maken.”
Paris: “Maar hij is niets meer dan Prins Carnaval.”
Alleblas: “Het ligt er ook aan wie het wordt. Het moet wel een serieus persoon zijn, iemand die het serieus overbrengt.”
Paris: “Welke serieuze mensen gaan ’s nachts de kroegen in? Nachtburgemeester is meer een symbolische functie, je wordt er ook niet voor betaald.”
- Hebben jullie nog suggesties waar zo’n Nachtburgemeester zich meteen mee bezig kan houden?
Alleblas: “Er zijn altijd wel kleine dingetjes met geluidsoverlast en zo. Of terrassen die 10 centimeter te ver staan.”
Wensveen: “Ik hoop dat een Nachtburgemeester zowel voor de klanten als voor de eigenaren openstaat en naar hun ideëen luistert.”
Alleblas: “Je zou eigenlijk - voordat de Nachtburgemeester aan de slag gaat - moeten uitzoeken wat er het afgelopen half jaar qua narigheid in het uitgaansleven is geweest. Na een half jaar kun je dat weer uitzoeken, en als het aantal incidenten gelijk blijft of minder wordt, dan heeft ‘ie het goed gedaan.” (JN)













