Uw advertentie hier? Zegwaard Rioolontstopping Duruit, weg met de schilderkunst! Reiki een cadeautje voor jezelf...

Zoeken

Contact

Rodi Media zh bv
Koornmarkt 22
2611 EG Delft

Postbus 2949
2601 CX Delft

T 015 - 214 39 12
F 015 - 212 69 86

info@rodimedia-zh.nl

Milène Junius kan bijna niet wáchten tot haar CDA kan mee regeren in Delft

DELFT – Milène Junius is een ondernemend type. Letterlijk en figuurlijk. En ze heeft een passie voor de politiek. Of, zoals ze dat zelf zegt, "voor het openbaar bestuur".

Ze kan wat dat betreft haar hart ophalen. En dat doet ze ook. Ze maakt, namens het CDA, al zes jaar deel uit van de Delftse Gemeenteraad. Ze stoomt als lijsttrekker op de komende Gemeenteraadsverkiezingen af. En ze volgt Niek van Doeveren op als fractievoorzitter van het CDA. Intussen is ze vooral ook Delftse, zij het als de dochter van een Amsterdamse vader en een Brabantse moeder. "Delft is niet alleen erg mooi, het is er ook prettig wonen". 

Ze mag graag door Delft fietsen. En dus zal ze wel gillend enthousiast zijn over die almaar autoluwer wordende binnenstad. Dat valt mee. "Ik zou absoluut niet de hele stad autoluw willen maken. De stad moet wel begaanbaar en bereikbaar zijn. In de binnenstad wonen óók mensen. Wat mij betreft had de Oude Delft er niet bij gehoeven. Misschien op termijn wèl, als de garage en de spoortunnel klaar zijn, maar nu geeft het toch wel veel problemen voor de bewoners. Die bereikbaarheid, dat is een heel heikel punt. En dan doel ik op de binnenstad, maar ook op de Sebastiaansbrug en de Spoorzone. Ik heb er wel m'n zorgen over of die projecten niet te optimistisch worden ingeschat. Er hoeft maar ièts mis te gaan". 

Die bereikbaarheid van Delft, zegt ze, is ook daarom zo belangrijk: "De mensen van buiten moeten wel de stad in kunnen om hier hun geld uit te geven". Op dat punt gaat er nog wel 's wat mis. "Maar wij hebben óók oplossingen. De actuele informatie moet veel beter. Er moeten zo veel mogelijk digitale borden door de hele stad komen. Met duidelijke telefoonnummers waar bewoners bijvoorbeeld kunnen melden waar omleidingen logisch zijn en waar niet. Als fietser sta je soms ineens vast. Dan ga een andere kant op en dan sta je daar wéér vast. Ze hebben nu een Stremmingscoördinator. Dat kan, wat mij betreft, wel een tandje scherper. Hij is nu nog redelijk onzichtbaar, eigenlijk zou iedereen z'n 06-nummer moeten hebben. Er zijn voor allerlei zaken slimmere en snellere oplossingen, daar zou je de TU bij kunnen inschakelen. Ik ben wèl blij met Delft Bouwt, op de Westvest. Mensen kunnen daar binnenlopen en informatie krijgen. De mensen begrijpen heus wel dat er overlast zal zijn, maar ook dat het straks heel mooi wordt". 

Dat neemt niet weg: "Het is wel een heel rare gewaarwording dat het nu allemaal plat geslagen is. Ik heb daar 's nachts heel wat patatjes gehaald en bij Wesseling gedanst. Dat is nu allemaal weg, dat vind ik wel heftig om te zien". 

Na de Lagere School behaalde Milène Junius het gymnasiumdiploma. "Het leuke was dat we, toen ik in de derde zat van het Grotius, verhuisden naar de Juniusstraat". Ze kon goed leren. "Ik vond het ook leuk. Ik was een heel nieuwsgierig kind. Die nieuwsgierigheid was ook één van de redenen om in de politiek te gaan. Maar ik heb ook gebasketbald bij DAS". 

Ze wilde 'altijd al' lerares worden. "Ik heb de Lerarenopleiding gedaan, Frans en Nederlands, in Delft". Toen ze daarmee klaar was, belandde ze nièt voor de klas. Althans, niet in Nederland. "Er was toen weinig werk in het onderwijs. Je kon hier een baantje krijgen van acht uur en daar één van tien uur. Ik heb er toen voor gekozen Engels te gaan doen. Ik heb ook een jaar in Engeland gezeten".

"Daarna ben ik gaan reizen. Ik wilde wat van de wereld zien. Ik heb door Afrika en Azië gereisd. Dat heeft me veel gebracht. De contrasten in Afrika, met zó veel armoede, maar ook met mensen die ook zó veerkrachtig zijn, zó trots en warm. Daar heb ik gezien dat de wereld draait om mensen. Dat vind ik in Delft óók. Delft is een mooie stad, maar zonder mensen is het toch maar een hoop stenen". 

Ze bleef zes jaar weg. Belandde ook in Japan. "Daar verdiende ik de kost met lesgeven. En ik werkte in een Japans warenhuis. Daar heb ik Japans geleerd. Toen sprak ik dat redelijk, maar het is alweer aardig lang geleden. Je raakt het gauw kwijt. Japans heeft geen enkele relatie met Engels of Nederlands". Ze kwam terug naar Nederland. "Je merkt, zeker in Japan, dat je toch een vreemde bent. Je kijkt altijd een beetje van buiten naar binnen, je hoort er niet direct bij". Het besluit naar Nederland terug te gaan, noemt ze 'een beetje een keerpunt'. 

Ze begon, met haar broer, het Grond- en Kabelwerkbedrijf Cable Care. "Later werd het 'Uitzendbureau voor de Bouw BOB'. Daarna maakte ze een move naar de commerciële dienstverlening. "Ik ben vrij nieuwsgierig, maar ook vrij oplossingsgericht. In zo'n soort baan als ik nu heb -ik ben Director Client Services bij RESOURCES Management & Finance B.V. in Utrecht - ben je altijd op zoek naar de beste oplossingen voor de klant. Oplossingen die je mèt elkaar bereikt. Ik zoek dan naar de mensen die de beste kwaliteiten hebben om tot de beste oplossingen te komen. Het leuke van zo'n Amerikaans bedrijf is dat erg wordt gekeken naar de resultaten die worden behaald. Dat trekt me aan: hoe kan het sneller en slimmer?" 

-Doe jij op de één of andere manier aan carrièreplanning?
"Ik ben redelijk loyaal. Zo lang ik m'n ei kwijt kan en zo lang ik het gevoel heb dat ik wat kan bijdragen, zal ik het blijven doen. Maar ik ben nog wèl nieuwsgierig. Ik zie me nog wel 's een eigen bedrijf beginnen. En nu heb ik m'n hart verpand aan het openbaar bestuur in Delft". 

-Hoe ben je aan de politiek verslingerd geraakt?
'Toen ik ondernemer was in Delft had ik al wel ideeën over hoe dingen anders en beter kunnen. Ik was al lid van het CDA, ze hebben me toen gevraagd actief worden. Wat me erin aantrekt is dat we altijd bezig zijn vanuit de mensen zelf te redeneren. Streng en rechtvaardig, maar dan wèl op een bestuurbare en stabiele manier. Ik noem een voorbeeld. De Publieksbalie van de Gemeente ging dicht, je kon er alleen op afspraak terecht. Dat klopte gewoon niet. De mensen willen gewoon binnen kunnen lopen, maar de mensen die een afspraak hebben gemaakt hebben voorrang. Daar ga ik dan gelijk mee aan de slag". 

-Nou is het CDA al jaren oppositiepartij. Is het niet zonde van al die moeite? De 'regeringspartijen' vormen tóch één front.
'Dar denk ik niet. Ik ben ervan overtuigd dat het CDA nodig is. Maar het is zo: we willen graag deel uit gaan maken van het College. We moeten een College krijgen dat een team vormt. Dat dragen wij bij uitstek uit. Wij, als CDA, zijn altijd constructief, ook als we jaren in de oppositie zitten". 

-Delft is een studentenstad. Veel jongeren. Als ze al interesse hebben voor politiek zitten ze niet op het CDA te wachten. Toch?
"Er wordt gezegd dat deze generatie niet veel interesse heeft. Dat is niet waar. Ze zijn juist erg bezig met zingeving en zo. Natuurlijk zijn er jongeren die wij niet bereiken. Maar kijk je naar de studentenpartijen, dan weet je niet of ze rechts zijn of links. Bij ons weet je dat wèl: wij zijn er vanuit de mens. Met dat verhaal spreken we juist jongeren aan". We moeten, vindt ze, ook dit niet vergeten: "Het CDA is wel de tweede partij in Delft. De PvdA is de grootste, maar die zal minder scoren. Het moet toch wel heel raar lopen als wij ook minder zetels krijgen". 

Ze maakt nu zes jaar deel uit van de Gemeenteraad. Het CDA is nu zes jaar oppositiepartij. "Natuurlijk ben je af en toe wel 's radeloos", geeft ze toe. "Maar je moet ook je successen vieren. We hebben, samen met Stadsbelangen-Delft en met de ChristenUnie/SGP, een alternatieve begroting gepresenteerd. Daar zijn goeie dingen uitgekomen, zoals meer geld voor het Vermeer Centrum".

De politiek is, vandaag de dag, vooral een kwestie van mannetjesmakerij en van het debiteren van lollig bedoelde of meedogenloze oneliners. "Daar hoeven we toch niet in mee te gaan? Waar krijgen wij energie van? Dat we een frisse wind door Delft kunnen laten gaan". Dat is een (flauw) inkoppertje: het CDA is dus van de windenergie. "Nee, het gaat ons erom mensen bijeen te brengen om samen de stad sterk te maken". 

Laat daar geen misverstand over bestaan: "Er zijn heel veel mensen in Delft die goed bezig zijn. Die zich inzetten voor de school, voor de kinderen, voor de buurt. Met die mensen moeten we samenwerken. En als ze mopperen moet je niet in de stress schieten, maar moet je uitzoeken waaróm ze mopperen. En als iemand ten onrechte moppert, moet je dat uitleggen. Niet iedereen kan z'n zin krijgen". 

Ze roert het onderwerp 'veiligheid' aan. "Weet je wat me frustreert? Dat de coalitiepartijen fietstunneltjes aanwijzen als graffitiplaatsen. Dat is een rare combinatie. Daardoor wordt het gevoel van ónveiligheid groter. Dan kom ik wel 's thuis dat ik denk: De logica hiervan ontgaat me. Dat heb ik ook met de verplaatsing van de kermis naar Lijm & Cultuur. Heel veel dingen zijn nog niet goed geregeld. Dat gaat ons de komende jaren veel geld kosten. Er moet al zo bezuinigd worden, dus kan je je afvragen: Moet die verplaatsing van de kermis dan nu?" 

Milène Junius, het enthousiasme spuit bijna haar oren uit, weet wat haar (partij) te doen staat. Delft gaat haar aan het hart. "Je wilt de stad mooi maken. Wat kan er beter? Wat moet er echt gebeuren? De economie moet versterkt worden. De toekomstontwikkeling van de kinderen is van groot belang. De bouwprojecten en de bereikbaarheid van de stad zijn heikele punten. En ik wil me sterk maken voor een betere communicatie". 

-Je kan, ook als politicus, wel zo véél willen, maar het zijn toch de ambtenaren die de macht hebben?
"De ambtenaren, ze worden wel de Vierde Macht genoemd, ja. Maar je kan niet zonder ambtenaren. En er zijn er wel die goeie ideeën hebben. Maar ze moeten wèl gevoed worden door het College en door de Raad. En ze moeten goed gecontroleerd worden. Dat alles gebeurt zoals het moet en zoals het is afgesproken. Ik denk wèl dat in Delft slimmer en efficiënter gewerkt kan worden. Je moet de goeie dingen goed doen. Wij zijn ervoor dat de mensen ook zelf daar een vrijere invulling aan kunnen geven. Een voorbeeldje. Is er in het Wijkcentrum een vergadering van de bewoners, moeten die er vóór tien uur uit, omdat de beheerder naar huis moet. Waarom geef je die mensen niet de sleutel, zodat ze zelf kunnen afsluiten? Is ook praktisch. Kunnen ze tot elf uur vergaderen als ze daar zin in hebben". 

-Ben je niet een beetje idealistisch?
"Vind je mij idealistisch? Ik ben een gelukkig mens, met een lieve man en twee lieve kinderen. Al heb ik ook m'n tegenslagen gehad". 

Ze heeft een baan die haar een uurtje of 36 in de week in beslag neemt. Met de politieke besognes is ze toch wel 20 tot 24 uur per week zoet. Geen probleem. En ze doet natuurlijk niet voor niks in timemanagement. Hoewel: "Ik vind vergaderen nog steeds een crime. Iedereen wil z'n zegje doen, terwijl dat vaak niet nodig is, omdat het allemaal al duidelijk is". Wat ook niet meewerkt: "We hebben in Delft belachelijk veel partijen. Zo veel zitten er niet eens in de Tweede Kamer…" 

-Heb je graag aandacht?
Lacht. "Ik denk het wel. Ik zou niet op een onbewoond eilandje willen zitten. Ja, ik vind het wel fijn om aandacht te krijgen, maar absoluut óók om aandacht te geven. Ik vind het heel bijzonder dat iedereen z'n eigen verhaal heeft. Er zijn bij iedereen wel een paar dingen in het leven die een heel diepe impact hebben gehad, maar dan blijkt ook hoe veerkrachtig mensen zijn". 

-Ben je ook ijdel?
"Dat vind ik moeilijk om van mezelf te zeggen. Ik heb ook niet zo heel veel tijd om voor de spiegel te staan…" (PB)


Reacties

Er zijn nog geen reacties.