Uw advertentie hier? Zegwaard Rioolontstopping Duruit, weg met de schilderkunst! Reiki een cadeautje voor jezelf...

Zoeken

Contact

Rodi Media zh bv
Koornmarkt 22
2611 EG Delft

Postbus 2949
2601 CX Delft

T 015 - 214 39 12
F 015 - 212 69 86

info@rodimedia-zh.nl

Van het schrijven van nieuwe nummers, daar krijgt rocker Yoshi Breen een harde kick van

Yoshi Breen werkte in de zomer van 2007 aan twee platen tegelijk. Die van zijn band RubyQ èn zijn solo-album. “Ik maakte zeven dagen in de week dagen van tien uur, maar het was het waard.” Yoshi Breen werkte in de zomer van 2007 aan twee platen tegelijk. Die van zijn band RubyQ èn zijn solo-album. “Ik maakte zeven dagen in de week dagen van tien uur, maar het was het waard.” DELFT – Yoshi Breen wist nooit beter of je kunt niet leren rocken op een school. Nu, zes jaar nadat ie zich bij de Rockacademie in Tilburg aanmeldde, is hij alleen nog maar met muziek bezig. De muziek van hem en zijn band RubyQ rockt als geen ander en de critici zijn lovend.

Het Nationaal Popinstituut sprak vorig jaar na zijn solo-albun over een ‘een bijzonder nieuw talent’. Het album zelf omschreven ze als ‘een evenwichtige, goed geproduceerde plaat vol vrolijke, aanstekelijke, sixties-achtige popnummers, waarvan je bij sommige na een paar keer draaien denkt ze al jarenlang te kennen’. OOR Magazine schreef over 'een strak album met een heel eigen geluid’ en beschrijft zijn solo-album als ‘een keur van liedjes die niet gaan vervelen’. Zelf blijft hij er vrij nuchter onder. “Wat mij betreft ben ik nog helemaal nergens.” 

-Je bent nu fulltime met muziek bezig?
“Ja, dat gaat heel goed. Ik zit in de band RubyQ, werk als Yoshi Breen aan mijn eigen muziek en ik ben de jongste docent op de Rockacademie in Tilburg. Daarnaast ben ik producer en ik schrijf ook voor toneelstukken. Maar ik ben met name componist. Soms componeer ik voor mezelf en soms in opdracht, voor geld.” 

-Zou je nog wel wat anders kunnen of willen?
“Nee, eigenlijk niet, nee. Muziek is mijn lust en mijn leven. Ik zie mezelf absoluut niet op een kantoor werken. Ik treed nu op met verschillende bands, dat is te gek. Maar het creëeren, het schrijven van nieuwe nummers, dáár krijg ik ook echt een harde kick van. Ik vind het allebei belangrijk, zowel het spelen als het schrijven.” 

-Je hebt vorig jaar het solo-album ‘The Songs’ uitgebracht. Heeft het voor jou veel voordelen om alleen aan een plaat te werken?
“Dat weet ik niet. Het punt is dat ik te veel nummers schrijf om met één band te spelen. RubyQ, de band waar ik samen met nog een aantal ex-leerlingen van de Rockacademie in zit, speelt voornamelijk rock-muziek. Maar ik heb ook andere liedjes. Bovendien gaf het solo-album me de kans om eens samen te werken met muzikanten met wie ik al jarenlang samen wilde werken. 'The Songs' is echt mijn ding en ik krijg er ook nog hele goede recensies op.” 

-Doen die recensies je wat?
“Wel een beetje, maar recensies zijn niet het belangrijkste. Dat is namelijk de reactie van de mensen uit het publiek en de mensen die je waarderen, zoals vrienden en collega-muzikanten. Een recensent is slechts een onderdeel van het publiek. Als er een goede recensie verschijnt, kan dat voor mensen net een extra aanzet zijn om het album te kopen. En uiteindelijk gaat het er ook om dat onbekenden mijn muziek waarderen. Dat betekent dat ze je ècht leuk vinden.” 

-Ga je nog meer solo-projecten doen?
"Er staan weer een hoop liedjes op de plank die ik sowieso wil opnemen, dat worden er altijd al snel meer en meer. Ik vind die nieuwe nummers bovendien beter dan de nummers op de vorige plaat. Ze zijn wat catchyer. Die cd gaat er dus ook komen. Met RubyQ zijn we ook alweer met een nieuwe plaat bezig, die moet wat meer dansbaar en wat meer meezingbaar worden. Onze eerste plaat was experimenteler en kunstzinniger. Er stond bijvoorbeeld geen echte single op. Het volgende album willen we wat meer poppy-gehalte geven.” 

-Hoe gaat het nu eigenlijk met RubyQ?
“Goed. We hebben dit jaar een paar hele leuke optredens gehad, zoals die op de Zwarte Cross. We zijn veel aan het schrijven voor onze tweede plaat, dat heeft nu even de prioriteit. Ik hoop dat we in de eerste helft van volgend jaar wel de studio in kunnen en dat die cd aan het einde van de zomer of aan het begin van de herfst uitkomt.” 

-Wanneer beschouw je die plaat als geslaagd?
“Om door te breken is een single het belangrijkste. Wat we nu gaan doen is er veel meer op gericht om een popmarkt aan te spreken. Dat moet alleen wel binnen ons plaatje passen en we moeten daar niet te veel concessies voor doen. Ik wil dat deze plaat succesvoller wordt, het liefst heb ik dat mensen onze nummers meezingen. Het is daarom belangrijk dat de nummers een bepaalde overtuiging hebben, zodat je een groter publiek raakt. Uiteindelijk wil je gewoon meer en meer succes, je moet er toch van leven...” 

-Vind je het niet erg om voor de nieuwe albums wat concessies te moeten doen?
“Ach, als je in een band zit ìs dat al één grote concessie. Alles moet je met z’n vijven beslissen. Je moet wel wat concessies doen, maar je krijgt er ook zo veel voor terug. We maken met RubyQ samen de muziek, we zijn samen het gezicht van de band en we zijn samen onze sound. Ik zie het niet als concessies doen, het is meer dat we nu samen een bepaalde richting ingaan. Mensen hoeven echt niet opeens Britney Spears-achtige nummers van ons te verwachten.”

Heel erg trots 
-Denk je dat je over een minder hoog muzikaal zou beschikken als je niet op de Rockacademie had gezeten?
“Ja, maar dat is ook afhankelijk van wat ik anders had gedaan. Misschien had ik wel op hetzelfde niveau gezeten als ik op een andere manier net zo veel met muziek bezig was geweest. Het was eigenlijk gewoon een gok, die opleiding. Ik was niet naar de Open Dag gegaan en heb me op de allerlaatste dag nog voor die opleiding ingeschreven.” 

-Met succes...
“Ja, ik werd toegelaten. Ik dacht eerst altijd dat je op een school niet kon leren rocken, maar ik heb er heel veel over muziek geleerd, ik heb een groot netwerk opgebouwd èn ik heb er de bandleden van RubyQ leren kennen. Ons derde optreden was in een Amphitheater in Italië. Er zaten daar tweeduizend man en het kwam op tv bij Rai Uno. De organisatie van dat evenement was via de Nederlandse ambassade en de Rockacademie bij ons terecht gekomen. Ik voelde me daar voor het eerst een rockster. Ik was toen nog een broekkie van 19 jaar oud, dan word je daar natuurlijk wel blij van. Te gek om daar betaald naartoe te vliegen en een fantastisch optreden neer te zetten. We wonnen bovendien nog de prijs van de critici.” 

-Waar ben je het meest trots op?
“Ik ben heel erg trots op beide albums en op het feit dat de cd van RubyQ door een Amerikaans label is uitgebracht, dat geeft me een heel goed gevoel. Verder ben ik trots op een aantal optredens die we voor een groot publiek hadden, zoals in Tivoli, 013 en De Melkweg. Maar wat mij betreft ben ik nog nergens, het moet allemaal nog gaan beginnen.” 

-Ben je niet bang om het eeuwige talent te blijven?
“Natuurlijk, ja. Maar ik zou niet ongelukkig zijn als ik niet zo groot word als mijn Amerikaanse idolen. Natuurlijk heb ik ambitite, maar niet alles wat je wil, zal lukken. Zo lang ik maar dingen maak die goed klinken en waar ik zelf gelukkig van word. Ik moet meer dan tevreden zijn over mijn eigen nummers en er een gevoel bij hebben dat het niet beter kan. Wie weet heb ik ooit wel eens succes met een liedje voor één of andere hiphop-productie. Zeg nooit nooit. Van een hit in Nederland word je niet rijk, met een hitje in de wereld kun je wèl alle kanten uit. Het zal hard werken worden, maar ik zie de toekomst wel zonnig in.” 

Meer informatie over Yoshi Breen en zijn muziek is te vinden op zijn website www.yoshibreen.com. (JN)


Reacties

Er zijn nog geen reacties.